Alle soorten › Anjerachtigen › Bekerplantfamilie › Nepenthes peltata

Nepenthes peltata

Een grote kannenplant van de hellingen van Mount Hamiguitan in het zuidoosten van Mindanao, met een eigenaardigheid die ze deelt met Nepenthes rajah van Borneo: de rank is niet aan de punt van het blad bevestigd, maar een stukje daaronder op de bladschijf, schildvormig. Daarnaar is de soort genoemd: peltata, 'schildvormig'. Ze werd in januari 2008 beschreven door de Japanse kannenplantenkenner Shigeo Kurata in het tijdschrift van de Japanse vereniging voor insectenetende planten. Het type werd vastgelegd aan de hand van een plant van Hamiguitan die in een Japanse botanische tuin werd gekweekt.

Nepenthes peltata
Foto: Kleo Marlo Sialongo — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons
Nepenthes peltata — de val van dichtbij
De val van dichtbij · Foto: Kleo Marlo Sialongo — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons
Nepenthes peltata — de standplaats
De standplaats · Foto: Kleo Marlo Sialongo — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Herkenning

Een plant met een korte, stijve stengel tot een meter, die soms gaat liggen en dan tot drie meter lang wordt. De bladeren zijn langwerpig en groot, tot 50 cm lang, met een opvallend kleurcontrast: de bovenkant donkergroen, de onderkant meestal, maar niet altijd, donkerrood. De rank is schildvormig ingeplant, een stukje onder de bladtop op de onderkant van het blad. Stengel en bladonderkant dragen grove, lange, bruine haren. De onderbekers zijn groot, tot 28 cm hoog en 16 cm breed, en variabel van kleur: geel, oranje, roze, rood of paars, met donkerpaarse of zwarte vlekken. Het peristoom is losjes rond en tot twee centimeter breed; het deksel is elliptisch of eirond, tot 8 cm lang en 6 cm breed. Bovenbekers zijn nooit waargenomen. De bloeiwijze is een tros tot 75 cm.

Gelijkende soorten

De naaste verwanten zitten niet op Mindanao maar op Palawan: Nepenthes attenboroughii, Nepenthes deaniana, Nepenthes mantalingajanensis en Nepenthes mira, alle grote soorten met bolle grondbekers. Nepenthes peltata onderscheidt zich door de ongewone bladkleur, de opvallende beharing van stengel en blad, en de schildvormige rankinplant. Op Hamiguitan zelf is Nepenthes hamiguitanensis een klimplant met roomwitte bovenbekers, en Nepenthes micramphora heeft bekers van slechts enkele centimeters; verwarring is dus nauwelijks mogelijk. Planten die eerder als Nepenthes mindanaoensis werden gedetermineerd, zijn deels Nepenthes justinae.

De val en hoe hij werkt

Een grote grondval. Omdat de plant vrijwel nooit klimt, vormt ze alleen onderbekers, die groot en bol zijn en op de grond of in lage vegetatie staan. Het brede, losjes ronde peristoom biedt een groot glad oppervlak waarop insecten wegglijden, en het grote deksel draagt nectarklieren. Bovenbekers zijn nooit gezien; mogelijk worden ze alleen gevormd in diepe schaduw of als de plant steun vindt om te klimmen, of ze ontbreken geheel. Bekers van bijna 30 cm hoog kunnen in principe ook grotere prooien bevatten, maar gepubliceerd prooionderzoek aan deze soort is niet gevonden.

Standplaats en ecologie

Hoog-montaan mosbos, secundaire vegetatie, bergkammen, kliffen en aardverschuivingen, uitsluitend op ultramafisch gesteente, van 865 m tot de top op 1635 m (R3, B1, B5). De plant verdraagt schaduw, maar heeft een duidelijke voorkeur voor direct zonlicht, en staat daarom vaak op open plekken: kammen, rotsige hellingen en plaatsen waar een aardverschuiving de vegetatie heeft weggenomen. Het ultramafische gesteente van de berg levert een voedselarme bodem met veel zware metalen, die de vegetatie laag en open houdt.

Verspreiding en hoogte

Endemisch op Mount Hamiguitan in de provincie Davao Oriental, in het uiterste zuidoosten van Mindanao, Filipijnen, waar de soort op de bovenste hellingen voorkomt. Onze eigen soortenlijst noemt 'Mindanao', wat klopt, maar het werkelijke gebied is beperkt tot deze ene berg. De berg maakt deel uit van het Mount Hamiguitan Range Wildlife Sanctuary, dat in 2014 als werelderfgoed van UNESCO werd erkend. Op dezelfde berg groeien ook Nepenthes hamiguitanensis, Nepenthes micramphora en Nepenthes justinae.

  • Waargenomen (hokken van een graad)
Verspreiding uitsluitend op basis van waarnemingen bij GBIF (Global Biodiversity Information Facility), niet op TDWG-regio's: die zijn vaak veel groter dan het werkelijke areaal. De lichte halo is het gebied rond een waarneming, de donkere kern de waarneming zelf. Het donkere vak is het enige hok van een hele graad — ruwweg honderdtien kilometer — waarin de soort is waargenomen, uit alle waarnemingen bij GBIF. Deze maat is grover dan bij de meeste soorten, omdat van deze plant vrijwel geen enkele waarneming een nauwkeurige coördinaat draagt. Het zegt waar hij is gezíén, niet waar hij voorkomt: een leeg vak betekent niets.

Vormen en variatie

Er zijn geen variëteiten of vormen beschreven. De bekerkleur is zeer variabel, van geel en oranje tot roze, rood en paars, met donkere vlekken, en ook de bladonderkant is niet altijd rood. Ondanks het samen voorkomen met drie andere soorten zijn geen natuurlijke hybriden met zekerheid vastgesteld, al kunnen sommige planten op de berg onbestemde kruisingen zijn. Planten die men vroeger voor een hybride met Nepenthes micramphora hield, worden nu als Nepenthes hamiguitanensis beschouwd, al volgt niet iedere taxonoom die opvatting.

Waar en wanneer te zien

Mount Hamiguitan is beschermd en alleen met vergunning en erkende lokale gidsen toegankelijk. De grote, bonte grondbekers van deze soort zijn op open kammen en rotsige hellingen boven ongeveer 900 m goed te zien, vaak in volle zon. Let op de rode bladonderkant en de rank die onder de bladtop uit het blad komt: dat is het snelste herkenningspunt. Blijf op de paden; de open, rotsige plekken waar de soort staat, zijn gevoelig voor betreding.

Staat van instandhouding

De soort is nog niet door de IUCN beoordeeld en staat daarom als 'niet geëvalueerd' (NE) in deze gids. Stewart McPherson beschouwde haar in 2009 als niet bedreigd, vanwege de uitgebreide populaties op de berg en de toegangsbeperkingen. De erkenning van de berg als werelderfgoed in 2014 heeft de bescherming verder versterkt. Als lid van het geslacht Nepenthes staat ze in CITES bijlage II, zodat internationale handel in wilde planten een vergunning vereist. Omdat het hele verspreidingsgebied één berg omvat, blijven verzamelen, brand en klimaatverandering potentiële risico's.

Wetenschappelijke naam

Nepenthes peltata | Kurata, 2008

Nepenthes peltata werd in januari 2008 beschreven door Shigeo Kurata, in Journal of Insectivorous Plant Society 59(1): 12-17. Het holotype (Koshikawa 44) is afkomstig uit het gebied van de berg Hamiguitan, Mindanao, Filipijnen, en werd vervolgens gekweekt in de Nanso Botanic Gardens; het geconserveerde exemplaar ligt in het herbarium van de Universiteit van Kyoto. De bergketen van Hamiguitan, Mindanao, Filipijnen — dezelfde berg als eerdere soorten in deze reeks, waaronder N. hamiguitanensis (golf 23), N. justinae (golf 24) en N. micramphora (golf 27). De naam komt van het Latijnse "peltata" en verwijst naar de karakteristieke schildvormige (peltate) aanhechting van de rank, die niet aan de top maar verder naar binnen op het blad is bevestigd.

World Checklist of Vascular Plants (WCVP), via Plants of the World Online (POWO), Royal Botanic Gardens, Kew.