Alle soorten › Flamingo's › Flamingo's › Rode flamingo
Rode flamingo
Phoenicopterus ruber | American flamingo | Flamenco del Caribe
De flamingo van het Caribisch gebied, veel dieper gekleurd dan onze eigen flamingo: oranjerood tot vermiljoen over kop, hals en lijf. In Europa gaat het vrijwel altijd om een ontsnapte vogel of om een vogel van gemengde herkomst tussen de flamingo's van de Delta, de Camargue of de Andalusische salinas.
Geluid
Ganzenachtig, net als bij de flamingo: een nasaal blatend ka-ha en een laag knorrend gesnater uit foeragerende groepen, dat over plat water kilometers ver draagt. Overvliegende vogels roepen luid en aanhoudend. De geluiden zijn in het veld niet van die van de flamingo te scheiden en helpen dus niet bij de determinatie.
Voor deze soort is nog geen vrij gelicentieerde opname beschikbaar.
Herkenning
Even groot en even langbenig als de flamingo, maar veel intenser gekleurd: kop, hals, borst en flanken oranjerood, de dekveren dieper karmijn, de slagpennen zwart. De poten zijn roze tot rood over de hele lengte, de iris bleek geel en het gezicht roze bevederd tot aan de snavelbasis. De snavel is oranjeroze met een scherp begrensde zwarte punt en de gebruikelijke knik naar beneden. Juvenielen zijn grijsbruin met grijze snavel en poten en kleuren pas na enkele jaren door.
Verwarringssoorten
De flamingo (Phoenicopterus roseus) is de vergelijking die telt: die is bleek roze wit over lijf en hals, met rood alleen op de dekveren, en oogt op afstand wit. Bij de rode flamingo loopt de verzadigde kleur door tot in kop en hals. De chileense flamingo heeft grijsblauwe poten met rode gewrichten en meer zwart op de snavel, de kleine flamingo is duidelijk kleiner met een donkerrode snavel. Let op: vogels in collecties krijgen gekleurd voer en zijn ook feller, en hybriden tussen rode flamingo en flamingo zijn in Europese groepen bepaald niet zeldzaam. Beoordeel daarom kleur, snavelpatroon en pootkleur altijd samen, en kijk of er een ring zit.
Leefgebied
Ondiep zout en brak water zonder oevervegetatie: zoutpannen, kustlagunes, slikken en riviermondingen, waar hij met omgekeerde kop het slib zeeft. In Europa zit hij op precies dezelfde plekken als de flamingo, meestal als losse vogel in een groep van honderden soortgenoten in de ruimere zin.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens EUNIS — de Europese standaard voor leefgebieden.
Verspreiding en trek
Het natuurlijke areaal beslaat het Caribisch gebied, Yucatán, de noordkust van Zuid-Amerika en de Galápagos. In Europa is er nauwelijks een geval dat als wilde vogel is aanvaard; beoordelingscommissies houden het bij vrijwel elke waarneming op een ontsnapte vogel of op onduidelijke herkomst. In Nederland en Duitsland duikt de soort af en toe op in de gemengde flamingogroep van het Zwillbrocker Venn en de Delta, in Spanje tussen de flamingo's van de zuidelijke salinas.
Waar en wanneer kijken
Werk elke flamingogroep in het Deltagebied, de Camargue of bij Fuente de Piedra rustig af met de telescoop en zoek de vogel waarbij ook de hals oranjerood is, niet alleen de dekveren. Laagstaand ochtend- of avondlicht overdrijft het roze bij alle vogels, dus beoordeel kleur bij vlak licht en met de vogels in dezelfde lichthoek. Lees ringen af: die verraden bij deze soort meestal de herkomst.
Staat van instandhouding
Wereldwijd niet bedreigd; de Caribische populatie is toegenomen sinds de belangrijkste kolonies beschermd werden. De Europese vogels vormen geen zelfstandige populatie en zijn afhankelijk van nieuwe ontsnappingen uit collecties. Hun grootste betekenis voor het Europese natuurbeheer is dat ze de gemengde flamingogroepen verder vertroebelen, waardoor hybriden steeds moeilijker te ontwarren zijn.



