Alle soorten › Valkachtigen › Valken › Roodpootvalk
Roodpootvalk
Falco vespertinus | Red-footed falcon | Cernícalo patirrojo
De roodpootvalk is de sierlijkste van onze kleine valken: een koloniebroeder van de Oost-Europese steppezoom die in mei soms met tientallen tegelijk in West-Europa aanspoelt. Hij jaagt als een torenvalk op insecten, maar heeft de lange vleugels en de lichtvoetige vlucht van een boomvalk.
Geluid
In de kolonie luidruchtig: een hoog, snel en wat kwetterend kie-kie-kie-kie, ijler en sneller dan de torenvalk, met daarnaast een scherper kew-kew. Bij ons, op doortrek, is de soort vrijwel altijd zwijgzaam; je moet het dus van het silhouet en het verenkleed hebben.
Opname: Bubulcus — CC BY 3.0 · Wikimedia Commons
Herkenning
Iets kleiner en slanker dan een torenvalk, met lange, spitse vleugels en een middellange staart; in de vlucht een kruising tussen torenvalk en boomvalk. Het volwassen mannetje is onmiskenbaar: egaal donker leiblauwgrijs, met een roestrode broek en onderstaart en opvallend oranjerode poten, washuid en oogring; in de vlucht valt de zilvergrijze handpen-bovenzijde op tegen het verder donkere kleed. Het vrouwtje is een van de mooiste roofvogels van Europa: oranje-okerkleurige kruin en onderdelen zonder streping, een blauwgrijze, fijn gebandeerde bovenzijde en een wit gezicht met een klein zwart oogmasker en een smal zwart baardstreepje. Eerstejaars vogels lijken op het vrouwtje, maar hebben een witte tot roomkleurige onderzijde met donkere lengtestrepen, een geschubde bovenzijde en een duidelijker gebandeerde staart; hun poten zijn geeloranje in plaats van rood. Hij bidt regelmatig, maar losser en korter dan een torenvalk, en zit graag op draden en dode takken.
Verwarringssoorten
Boomvalk is de belangrijkste verwarringssoort in vlucht: die is langer en smaller van vleugel, heeft een korte staart, een scherp zwart-wit koppatroon met een brede baardstreep en dichte zwarte strepen op een witte borst; hij bidt niet. Bij een vrouwtje roodpootvalk is de ongestreepte oranje onderzijde en het kleine masker beslissend. De eerstejaars roodpootvalk is de lastigste: die heeft wél gestreepte onderdelen en lijkt daardoor sterk op een jonge boomvalk, maar zijn baardstreep is smal en kort in plaats van breed en wigvormig, zijn voorhoofd en keel zijn roomkleurig, zijn onderdelen zijn warmer en minder scherp gestreept en de onderstaart is licht in plaats van donker. Torenvalk heeft kortere, ronder gepunte vleugels, een langere staart, een gevlekte roodbruine bovenzijde en bidt langdurig en stabiel op één plek.
Leefgebied
Broedt in kolonies in oude roekenkolonies en eksternesten in bomengroepen en houtwallen midden in open steppe, akkerland en weiden van Oost-Europa. Jaagt boven kort grasland, luzerne, stoppelvelden en langs bosranden, vaak in groepjes en het liefst in de late namiddag, wanneer sprinkhanen, kevers en libellen actief zijn. Op doortrek in West-Europa duikt hij op boven graslanden, moerassen en polders, en zit hij op hoogspanningsdraden en hekpalen.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens EUNIS — de Europese standaard voor leefgebieden.
Verspreiding en trek
Broedgebied van Hongarije, Servië en Roemenië oostwaarts door Oekraïne en Rusland tot Centraal-Azië; de hele populatie overwintert in zuidelijk Afrika. Nederland ligt buiten het broedgebied, maar in mei — vooral bij warme zuidoostenwind — verschijnen jaarlijks tientallen tot soms meer dan honderd vogels, met bekende concentraties in de Flevopolders, het rivierengebied en de Waddenkust. In Spanje is het een schaarse maar jaarlijkse doortrekker in het voorjaar, met de meeste waarnemingen in de Ebro-vallei en langs de oostkust.
- Broedvogel (zomer)
- Doortrek
- Trekrichting
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
De tweede en derde week van mei, bij een warme zuidoostelijke stroming. Rijd langs open polderland en scan hoogspanningsdraden, hekpalen en losse dode bomen: roodpootvalken zitten graag hoog en opvallend en jagen tegen de avond boven kort gras. Kom een vogel in beeld, kijk dan meteen naar de pootkleur en de onderstaart, want juist bij vrouwtjes en eerstejaars valt of staat de determinatie daarmee.
Staat van instandhouding
Gevoelig (IUCN: Near Threatened). De Europese broedpopulatie is de afgelopen decennia sterk afgenomen door het verdwijnen van roekenkolonies, waarin de soort haar nesten vindt, door intensivering van de landbouw en het gebruik van insecticiden, en door elektrocutie aan middenspanningsmasten. In Hongarije en Servië heeft het ophangen van nestkasten in kolonies de trend lokaal weten te keren, maar de soort blijft afhankelijk van insectenrijk, extensief boerenland.



