Alle soortenStormvogelachtigenNoordelijke stormvogeltjes › Stormvogeltje

Stormvogeltje

Hydrobates pelagicus | European storm-petrel | Paíño europeo

Het stormvogeltje is de kleinste zeevogel van Europa, nauwelijks groter dan een huiszwaluw en zwaar genoeg om in de hand te verdwijnen. Het brengt zijn hele leven boven open zee door en komt alleen 's nachts aan land, in donkere spleten op afgelegen eilanden.

Stormvogeltje (Hydrobates pelagicus)
Foto: Charles J. Sharp — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Op zee zwijgzaam. In de kolonie 's nachts een aanhoudend, snorrend en gorgelend geratel uit rotsspleten en muurtjes, dat abrupt eindigt met een klein hikkend geluid, alsof de vogel adem hapt: het klassieke arrrrrrr-oe-tsjik. Wie in juni of juli 's nachts op Mousa in Shetland of op Skokholm in Wales staat, hoort tientallen vogels tegelijk onder zijn voeten zingen; boven Nederlandse wateren blijft de soort volledig stil.

Luister: Snorrende zang uit het hol, 's nachtsWikimedia Commons

Opname: British Library — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Herkenning

Zwart en klein, met korte, brede en aan het uiteinde afgeronde vleugels die het dier fladderend, licht en onregelmatig door de golfdalen dragen, laag over het water en met de pootjes vaak even op de golftop tikkend. De staart is recht afgesneden, zonder vork. De witte stuitvlek is groot, vierkant en loopt door tot ver op de flanken en de zijden van de ondersteun, zodat de vlek in zijaanzicht als een wit blok naar beneden doorloopt. De bovenvleugel is bijna egaal donker, hooguit met een vage lichte streep over de armdekveren. Het beslissende kenmerk zit onder: een scherpe witte streep over de ondervleugeldekveren, die geen enkele andere Europese stormvogel toont.

Verwarrings­soorten

Vaal stormvogeltje is de belangrijkste verwarringssoort en de reden om altijd op stuit, vleugel en vlucht te letten: dat is groter en langvleugeliger, met een hoekige, geknikte vleugel, een gevorkte staart, een smallere en vaak in het midden donker gedeelde stuitvlek die niet ver op de flanken doorloopt, een duidelijke bleke diagonale baan over de bovenvleugel en géén witte streep onder de vleugel. Ook de vlucht scheelt: het stormvogeltje fladdert als een vlinder laag door de dalen, het vale stormvogeltje beweegt krachtig, hoekig en zwenkend, meer als een kleine nachtzwaluw. Wilsons stormvogeltje, zeldzaam maar mogelijk, heeft lange poten die voorbij de staart uitsteken, gele zwemvliezen en een breed geel-achtige baan over de bovenvleugel. Grauwe franjepoot en zwarte stern zijn op afstand te verwarren, maar tonen witte vleugelvelden of een lichte onderzijde.

Leefgebied

Buiten de broedtijd volledig pelagisch, boven het continentaal plat en de plateauranden, waar hij op plankton, kleine visjes en olieachtige resten pikt terwijl hij fladderend boven het water blijft hangen. Broedt in kolonies in spleten en holen van rotseilanden, onder stenen muurtjes en tussen keien, altijd op eilanden zonder ratten. Bezoekt de kolonie uitsluitend in donkere nachten.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens EUNIS — de Europese standaard voor leefgebieden.

Verspreiding en trek

Broedvogel van IJsland, de Faeröer, Noorwegen, Groot-Brittannië, Ierland, Bretagne en, met een aparte mediterrane ondersoort, de Balearen, Malta, Sicilië en de Franse Middellandse Zee-eilanden. Nederland kent geen kolonies; op de Noordzee is de soort schaars maar jaarlijks, vooral bij zomerstormen in augustus en september. In Spanje is hij talrijk voor Galicië en in de Straat van Gibraltar, en broedt hij op de Balearen en op eilandjes voor de Levantijnse kust.

  • Jaarrond
  • Broedvogel (zomer)
  • Winter
  • Doortrek
  • Trekrichting
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2024-08-01 – 2026-07-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Zeetrektellen na een stevige noordwesterstorm in augustus of september is in Nederland de enige realistische kans, met Westkapelle en de Brouwersdam als beste posten; scan laag over het water en niet op ooghoogte, want de vogel verdwijnt telkens achter de golven. Veel kansrijker is Spanje: vanaf Cabo Home of Estaca de Bares in Galicië in augustus en september, en vanaf Tarifa in de Straat van Gibraltar, waar bij oostenwind honderden vogels dicht langs de kant trekken. Een avondlijke pelagische boottocht met chum voor Galicië levert de beste zichtwaarnemingen, inclusief de witte ondervleugelstreep.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd; de Europese populatie telt honderdduizenden paren, met verreweg het grootste deel op de Britse en Ierse eilanden en op IJsland. De grootste bedreigingen zijn ingevoerde ratten en katten op broedeilanden, lichtvervuiling die jonge vogels desoriënteert en incidenteel predatie door grote meeuwen. Rattenverwijdering op eilanden in Schotland en Ierland heeft plaatselijk tot duidelijk herstel geleid; de mediterrane populatie is klein en kwetsbaarder.