Alle soorten › Papegaaiachtigen › Nieuw-Zeelandse papegaaien › Kea
Kea | Nestor notabilis
Kea | Kea
De kea is de enige papegaai ter wereld die boven de boomgrens leeft: een forse olijfgroene vogel van de Zuidelijke Alpen, met een lange gebogen snavel en een oranje onderzijde van de vleugel die pas in de vlucht zichtbaar wordt. Hij is nieuwsgierig en onderzoekend van aard, en juist dat brengt hem in botsing met mensen.
Geluid
De roep is een luide, lang aangehouden en dalende kreet die over hele valleien draagt: kie-ie-aa-aa, vaak in de vlucht en meestal het eerste teken dat er keas in de buurt zijn. Tussen vogels onderling klinken zachte, kort afgebroken contactgeluiden. Jonge vogels maken een ongecontroleerd, joelend gekrijs, en bij spel klinkt een golvend gekwetter.
Voor deze soort is nog geen vrij gelicentieerde opname gevonden; hieronder staat wel waar je op moet letten.
Herkenning
Een grote papegaai van ongeveer een halve meter, olijfgroen met zwarte veerzomen die het kleed een geschubde aanblik geven, en met blauwgroene glans op de handpennen. In de vlucht lichten de oranjerode ondervleugel en de oranje stuit en flanken op, wat de soort op afstand vastlegt. De snavel is slank, grijszwart en sterk haakvormig, bij het mannetje langer en krommer; het vrouwtje weegt ongeveer een vijfde minder. Jonge vogels hebben een gele waslaag en gele oogleden, die met de jaren grijs worden.
Verwarringssoorten
De kaka (Nestor meridionalis) is de enige naaste verwant en overlapt in het bos onder de boomgrens: bruiner, met een grijze kruin en een karmijnrode in plaats van oranje ondervleugel, en zelden in open alpien terrein. De kakapo (Strigops habroptilus) is mosgroen gemarmerd, kan niet vliegen, is nachtelijk en zit alleen nog op roofdiervrije eilanden. Op afstand kan een overvliegende kea op de Nieuw-Zeelandse valk lijken, maar de brede vleugels en de trage slag sluiten dat uit.
Leefgebied
Alpiene kruidenvelden, steenpuin en rotswanden boven de boomgrens vormen het beeld waarvoor hij bekendstaat, maar hij broedt in het zuidelijk beukenbos daaronder, in holten onder rotsblokken en boomwortels. Daarnaast gebruikt hij tussockgrasland en subalpien struweel, en in Westland loopt zijn terrein tot aan de kust door. Met de seizoenen beweegt hij langs de berghelling op en neer.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar hoofdgroep en formatie.
Verspreiding en trek
Uitsluitend de bergen van het Zuidereiland, van Farewell Spit tot Waitutu en oostwaarts tot in de Kaikoura Ranges, samen ongeveer vier miljoen hectare. Op het Noordereiland komt hij niet voor en buiten Nieuw-Zeeland evenmin. Binnen dat gebied is hij ongelijk verdeeld: de dichtheden liggen het hoogst in de beukenbossen van Westland en Fiordland en zijn sinds de jaren negentig op veel plaatsen gedaald.
- Jaarrond
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
Loop in de zomer een pas of een bergkam boven de boomgrens af en luister; de roep gaat door een vallei heen en wijst de vogels aan voordat je ze ziet. Kijk bij elke overvliegende vogel naar de ondervleugel, want het oranje blijft ook in tegenlicht overeind. Voer hem niet en laat geen uitrusting onbeheerd bij een hut of parkeerplaats.
Staat van instandhouding
Bedreigd (EN), met een schatting van ongeveer vier- tot zesduizend vogels en een dichtheid die sinds 1998 duidelijk is teruggelopen. Loodvergiftiging is een hoofdoorzaak: de vogel knaagt aan spijkers, loodslabben en dakafwerking van oudere gebouwen in de bergen, en bij onderzochte keas wordt op grote schaal lood in het bloed gevonden. Daarnaast weegt de eeuw van premiejacht — tot de volledige bescherming in 1986 werden er ongeveer honderdvijftigduizend gedood op verdenking van schade aan schapen — naast verliezen door hermelijnen, aanrijdingen en menselijk voedsel.
Wetenschappelijke naam
Nestor notabilis | Gould, 1856
Gould beschreef de soort in 1856 als Nestor notabilis, en in dat geslacht staat ze nog steeds, zodat auteur en jaartal zonder haakjes blijven. Het geslacht Nestor werd in 1830 ingevoerd door Lesson en verwijst naar Nestor, de oude koning van Pylos uit de verhalen van Homerus. notabilis betekent 'opmerkelijk'. De typelocatie is het district Murihiku op het Zuidereiland; de naam kea zelf is Māori en is gevormd naar de roep.



