Alle soorten › Zangvogels › Pestvogels

Pestvogels | Bombycillidae

Waxwings | Ampelis

Het verenkleed is zijdeachtig glad en toont nauwelijks afzonderlijke veren; kenmerkend zijn de spitse kuif, het zwarte masker en een strakke gele of oranje eindband aan de staart. Aan de punt van de armpennen dragen volwassen vogels rode, waskleurige plaatjes, verbrede uiteinden van de veerschacht, waarvan het aantal met de leeftijd toeneemt en dat een rol speelt bij de partnerkeuze. Een groot deel van het jaar leven deze vogels vrijwel uitsluitend van vruchten en bessen, die heel worden doorgeslikt en snel de darm passeren; op gegist fruit raken ze soms zichtbaar aangeschoten. Er wordt geen territorium verdedigd: de groepen zwerven het hele jaar door van de ene vruchtdragende struik naar de volgende, wat betekent dat ze de ene winter met honderden aanwezig kunnen zijn en de volgende volledig ontbreken. Zittend op een rij geven ze een bes of een bloemblad van snavel tot snavel de rij langs en weer terug. Echte zang ontbreekt; het contactgeluid is een zeer hoge, ijle triller. Er wordt laat in het seizoen gebroed, als het fruit rijpt.

Inheemse soorten 2 soorten

Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.

Bombycilla 2 soorten