Alle soorten › Keerkringvogels › Keerkringvogels
Keerkringvogels | Phaethontidae
Tropicbirds | Rabijuncos
Vis en inktvis worden gevangen door van grote hoogte in het water te storten, soms na even biddend boven de golven te hebben stilgehangen; de prooi wordt onder water gegrepen en aan de oppervlakte doorgeslikt. Er wordt alleen of met enkele vogels tegelijk gejaagd, ver van de broedplaats, en het zout uit het opgenomen zeewater verlaat het lichaam via klieren boven de ogen. Boven de kolonie vliegen groepjes langzaam en dicht naast elkaar, waarbij de staartlinten omlaag en zijwaarts worden gebogen en de vogels om elkaar heen draaien. Gebouwd wordt er niet: het ene ei ligt in een spleet onder een rotsblok, in een holte van een klifwand of onder dichte begroeiing, uit de zon en uit het zicht. Beide ouders broeden om beurten en brengen het voedsel in de krop mee; tussen twee bezoeken blijft het jong lang alleen achter, en het verlaat de nestplaats uiteindelijk zonder begeleiding en zoekt meteen de zee op. Bij de nestplaats en in de baltsvlucht klinken harde, ratelende en fluitende kreten; op zee zijn de vogels zwijgzaam.
Inheemse soorten 2 soorten
Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.
Dwaalgasten 1 soort
Verdwaalde vogels uit andere werelddelen of van ver buiten hun gewone gebied.






