Alle soorten › Genten en aalscholvers › Fregatvogels › Grote fregatvogel
Grote fregatvogel | Fregata minor
Great Frigatebird | Rabihorcado Grande
De grote fregatvogel is de zeevogel met de laagste vleugelbelasting van alle vogels ter wereld: op vleugels die van punt tot punt meer dan twee meter breed zijn, kan hij dagen tot weken achtereen boven de oceaan zweven zonder het water te raken. Binnen dit gidsgebied broedt hij uitsluitend op de onbewoonde eilanden van het noordwesten van Hawaï, maar hij is er het hele jaar door te zien, ook boven de bewoonde hoofdeilanden.
Geluid
Op de kolonie klinkt tijdens de balts een raar, hol getrommel van het mannetje op zijn opgeblazen, felrode keelzak, aangevuld met een schor gesnater en gerammel met de snavel wanneer paren en ouders met kuikens elkaar begroeten. Tijdens het keelzakvertoon voegt het mannetje daar een langgerekt, trillend geluid aan toe, terwijl hij zijn kop heen en weer zwaait en met de vleugels klappert om overvliegende vrouwtjes te lokken. Buiten de kolonie, in de vlucht boven zee, is de grote fregatvogel vrijwel altijd stil.
Opname: AUDEVARD Aurélien — CC BY-NC-SA 4.0 · Tuamotus Islands, The Tuamotu and Gambier Islands, France · xeno-canto
Herkenning
Het mannetje is geheel zwart met een groenige glans op de schoudervlek en draagt tijdens de balts een felrode, opblaasbare keelzak. Het vrouwtje is eveneens overwegend zwart, maar heeft een witte keel en borst en een rode oogring; ze is iets groter en zwaarder dan het mannetje. Het jong heeft een roestbruin getinte witte kop, hals en borst, die pas in de loop van enkele jaren via steeds wisselende tussenkleden overgaat in het volwassen kleed. In de vlucht is de soort herkenbaar aan: lange, smalle, hoekige vleugels met een duidelijke knik, een diep gevorkte staart die vaak tot een punt wordt samengeknepen, en een silhouet dat in de verte aan de letter 'M' doet denken.
Verwarringssoorten
Binnen dit gebied is de Amerikaanse fregatvogel (Fregata magnificens) de enige echte verwarringssoort; die in Florida broedt en langs de Golfkust algemeen is en is als adult mannetje vrijwel niet te onderscheiden van de grote fregatvogel. Het vrouwtje van de Amerikaanse fregatvogel heeft echter een volledig zwarte keel tegenover de witte keel van het vrouwtje van de grote fregatvogel, en mist de rode oogring. Jonge vogels van beide soorten lijken het meest op elkaar en worden vaak alleen op de kleur van de kopvlek en de vorm van de okselvlek onder de vleugel op naam gebracht. Binnen het gidsgebied overlappen de twee soorten nauwelijks, want de grote fregatvogel blijft vrijwel geheel tot Hawaï beperkt.
Leefgebied
De grote fregatvogel broedt in lage struiken en op rotsrichels op onbewoonde eilanden en atollen, waar hij zelf geen roofdieren hoeft te vrezen maar wel is aangewezen op begroeiing die zijn nest draagt. Op zee jaagt hij nooit door in het water te duiken of te landen — zijn verenkleed is onvoldoende waterafstotend en hij kan niet vanaf het wateroppervlak opstijgen — maar vangt vliegende vissen en inktvis in de vlucht, of grist ze van het oppervlak zonder zelf nat te worden. Rond de bewoonde eilanden van Hawaï gebruikt hij ook luchtruim boven kliffen en kustlijnen om op thermiek te zweven.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.
Verspreiding en trek
De grote fregatvogel broedt in de noordwestelijke Hawaï-eilanden, met de grootste kolonie op Nihoa en kleinere kolonies verspreid over de rest van de eilandketen; op de bewoonde hoofdeilanden is een enkel broedgeval bekend, op het eilandje Mokumanu voor Oʻahu. Buiten het broedseizoen zwerven vooral jonge vogels ver over de Grote Oceaan — satellietonderzoek heeft laten zien dat ze daarbij duizenden kilometers over open zee kunnen afleggen — maar de kern van de Hawaïaanse populatie blijft het hele jaar in de wateren rond de archipel. Elders binnen dit gidsgebied is de soort een uiterst zeldzame dwaalgast, vrijwel steeds na tropische stormen.
- Jaarrond
Waar en wanneer kijken
Kilauea Point op Kauaʻi is de betrouwbaarste plek om de soort te zien: boven de landtong cirkelen bijna altijd meerdere vogels, en het nabijgelegen eilandje Mokuʻaeʻae dient als vaste rustplaats. Let op de karakteristieke M-vorm in de vlucht en, bij mannetjes in de balts op de broedeilanden zelf, de opgeblazen rode keelzak.
Staat van instandhouding
De Hawaïaanse broedpopulatie, geschat op enkele duizenden paren, is sinds de Tweede Wereldoorlog stabiel tot toenemend, mede doordat voormalige militaire terreinen op de noordwestelijke eilanden weer zijn dichtgegroeid. Wereldwijd is de soort niet bedreigd (LC), maar een geïsoleerde ondersoort op het Braziliaanse eiland Trindade, in de Zuid-Atlantische Oceaan, is wel ernstig bedreigd door een sterk gekrompen broedareaal. Plastic in de oceaan en verstrikking in visserijtuig zijn de belangrijkste risico's voor de Hawaïaanse vogels.
Wetenschappelijke naam
Fregata minor | (Gmelin, 1789)
Johann Friedrich Gmelin beschreef de soort in 1789 als Pelecanus minor, in het geslacht van de pelikanen; omdat ze sindsdien in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Fregata is genoemd naar het fregat, een snel, wendbaar zeilschip, naar de snelle en behendige vlucht van deze vogels. minor is Latijn voor 'kleiner', wat verwarrend is omdat de soort niet wezenlijk kleiner is dan de meeste andere fregatvogels; Gmelin vertaalde daarmee de naam 'lesser frigate pelican' uit de beschrijving van John Latham (1785) waarop hij zich baseerde. Een vaste typelocatie ontbreekt; latere auteurs hebben die achtereenvolgens beperkt tot het oostelijke deel van de Indische Oceaan en uiteindelijk tot Christmaseiland.


