Alle soorten › Zangvogels › Vinkachtigen › Hawaiikruiper

Hawaiikruiper | Loxops mana

Hawaiʻi Creeper | Trepador de Hawái

De hawaiikruiper, in het Hawaïaans ʻalawi, is een groengele honingkruiper die alleen op het eiland Hawaï voorkomt. Hij ontleent zijn naam aan de manier van foerageren: hij werkt zich langs stammen en zware takken omhoog en omlaag en pikt insecten uit schors, mos en korstmos.

Hawaiikruiper (Loxops mana)
Foto: ALAN SCHMIERER from southeast AZ, USA — CC0 · Wikimedia Commons

Geluid

De zang van het mannetje is een dalende triller van ongeveer een seconde, meestal enkele keren achter elkaar herhaald en zwakker van volume dan de zang van de hawaii-ʻamakihi. De roep is een zacht, kort tsjip of tsjiet, dat in gemengde troepen vrijwel voortdurend klinkt. Buiten de broedtijd is het geluid het betrouwbaarste spoor, want de vogel blijft in de kruinen en beweegt onopvallend.

Luister: RoepXC127667

Opname: Brooks Rownd — CC BY-NC-SA 3.0 · Station 11-27, below Nauhi Experiment Station, Honohina Tract, Hakalau Forest NWR, Hawaii County, Hawaii, United States · xeno-canto

Herkenning

Elf tot dertien centimeter, iets groter dan de hawaii-ʻakepa. Groen van boven, geelachtig van onderen, met een grijze kop en keel en een zwart masker dat van de snavelbasis over het oog loopt en er in een punt achter eindigt; bij het mannetje is dat masker breder. De snavel is kort en spits, licht gebogen — rechter dan die van een ʻamakihi, maar duidelijk langer dan die van een ʻakepa. De vogel klimt langs de stam en hangt vaak onder een tak.

Verwarrings­soorten

De hawaii-ʻamakihi heeft een smaller, minder scherp begrensd masker, een langere en sterker gebogen snavel en foerageert tussen bladeren en bloemen in plaats van op de bast. De hawaii-ʻakepa is kleiner, heeft een piepkleine snavel en een langere, ingekeepte staart, en het mannetje is oranje. De Japanse brilvogel heeft een witte oogring en mist het zwarte masker. Het klimmen langs de stam is het snelste onderscheid van alle drie.

Leefgebied

Oud, gesloten bergbos van koa (Acacia koa, een inheemse Hawaïaanse boom) en ʻohiʻa, vooral tussen ruwweg duizend en tweeduizend meter en het talrijkst boven vijftienhonderd meter. De soort heeft bomen nodig met een grove, met mos en korstmos bedekte bast; jong of open bos levert veel minder voedsel. Buiten de broedtijd sluit hij zich van de nazomer tot de winter aan bij gemengde troepen met ʻamakihi's en ʻakepa's. Insecten en spinnen vormen het hoofdvoedsel, nectar van koa en ʻohiʻa komt erbij.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.

Verspreiding en trek

Alleen op het eiland Hawaï, in drie gescheiden kerngebieden: de Hamakua-hellingen met het Hakalau Forest National Wildlife Refuge, de hooggelegen bossen van Kaʻu en de noordhelling van Hualalai, waar de soort mogelijk is verdwenen. De totale populatie werd op ongeveer twaalfduizend vogels geschat. In Hakalau bleef het aantal over de periode 1987–2024 al met al stabiel of licht stijgend, terwijl het in het dichtste bosdeel afnam.

HawaïNiihauKauaiOahuLanaiMolokaiKahoolaweMauiHawaii
  • Jaarrond
Kaartje van de archipel zelf: op de kaart van Noord-Amerika zou deze vogel een stipje linksonder zijn, en juist bij eilandsoorten gaat het om de vraag op wélke eilanden hij zit. De eilanden waar hij ontbreekt staan er grijs bij. Per eiland gemeten aan de waarnemingen van GBIF: het aantal waarnemingen van de soort gedeeld door alle vogelwaarnemingen daar, per seizoen, net als op de gewone kaart. Op Niihau en Kahoolawe wordt zo weinig gekeken dat de meting daar zwijgt en de standaardwerken het zeggen. Eilandcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Het Hakalau Forest-reservaat is de plek met de meeste kans, maar het openbare deel is alleen via een onverharde bergweg bereikbaar; er gaan ook dagtochten met een vergunninghoudende gids heen. Zoek in de ochtend, voordat de bewolking dichttrekt, en richt de kijker op stammen en zware takken in plaats van op bloeiende kruinen — daar zit het verschil met de ʻamakihi.

Staat van instandhouding

De soort staat als bedreigd (EN) op de Rode Lijst en heeft sinds 1975 federale bescherming. Vogelmalaria en vogelpokken zijn de belangrijkste druk, met daarnaast predatie door ratten en aantasting van het bos door runderen en zwijnen. In Hakalau hebben omheining, het verwijderen van hoefdieren en de herplant van koa het aantal op peil gehouden, wat de soort onderscheidt van de ʻakepa in hetzelfde reservaat. Het opschuiven van het muggenseizoen naar grotere hoogte is het knelpunt op langere termijn.

Wetenschappelijke naam

Loxops mana | (Wilson, 1891)

Scott Barchard Wilson beschreef de soort in 1891 als Himatione mana; omdat ze later in een ander geslacht werd geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Loxops werd in 1847 ingevoerd door Jean Cabanis, uit het Griekse loxos 'schuin' en ops 'gezicht', naar de zijwaarts gekruiste snavelpunten van de groep. De soortnaam mana is een Hawaïaans woord dat Wilson overnam. De Nederlandse naam volgt de Engelse creeper, naar het klimmen langs de stam; sinds 2017 wordt in het Engels ook de Hawaïaanse naam ʻalawi gebruikt.