Alle soorten › Zangvogels › Vinkachtigen

Vinkachtigen | Fringillidae

Finches, euphonias and allies | Fringílidos

Zaad wordt niet alleen ter plekke gekraakt maar ook meegenomen: in een uitstulping van de slokdarm past een voorraad waarmee de vogel de nacht doorkomt en waaruit ook de jongen worden gevoerd. Die jongen krijgen, anders dan bij vrijwel alle andere zangvogels, opgebraakt zaad in plaats van insecten, en dat maakt het broeden los van de insectenpiek: er wordt gebroed waar en wanneer het zaad rijp is, en na een slechte zaadoogst verlaten hele populaties hun gewone gebied en duiken ze ver zuidelijker op. De vlucht is diep golvend, en bij elke golf klinkt een roepje waaraan de soort ook zonder zicht te herkennen is. Bij de kruisbekken schuiven de snavelpunten langs elkaar heen: daarmee worden de schubben van een kegel uiteengewrikt en wordt het zaad er met de tong uit gelicht, ook midden in de winter. Ook de Hawaiiaanse honingkruipers worden tot deze familie gerekend; hun snavels lopen uiteen van kort en zwaar tot lang en sikkelvormig, een deel leeft van nectar, en veel van deze vogels houden alleen nog stand in hoog bergbos, boven de zone waar muggen vogelmalaria overbrengen.

Inheemse soorten 32 soorten

Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.

Hesperiphona 1 soort

Oreomystis 1 soort

Paroreomyza 1 soort

Loxioides 1 soort

Palmeria 1 soort

Himatione 1 soort

Drepanis 1 soort

Pseudonestor 1 soort

Hemignathus 1 soort

Magumma 1 soort

Chlorodrepanis 3 soorten

Loxops 3 soorten

Pinicola 1 soort

Leucosticte 3 soorten

Haemorhous 3 soorten

Acanthis 1 soort

Loxia 3 soorten

Carduelis 1 soort

Spinus 4 soorten

Exoten 2 soorten

Soorten die hier van nature niet voorkomen maar zijn ingevoerd of ontsnapt en zich sindsdien handhaven. Ze staan op volgorde van de lijst, niet per geslacht.

Dwaalgasten 6 soorten

Verdwaalde vogels uit andere werelddelen of van ver buiten hun gewone gebied.