Alle soorten › Zangvogels › Vinkachtigen › Mauikruiper
Mauikruiper | Paroreomyza montana
Maui ʻAlauahio | ʻAlauahio de Maui
De mauikruiper is een klein geel-groen honingkruipertje met een kort, recht snaveltje, dat in kleine groepjes door de kronen van ʻohiʻa en koa (Acacia koa, een inheemse Hawaïaanse boom) trekt. Hij is een van de talrijkste inheemse bosvogels van Oost-Maui; de vorm van Lanaʻi, waarvan het type afkomstig is, stierf in de jaren dertig uit.
Geluid
De roep is een luide, heldere tsjiep, veel krachtiger dan je bij zo'n kleine vogel verwacht en vaak het eerste teken van een rondtrekkend groepje. De zang bestaat uit een korte gefloten frase die een aantal keren achter elkaar wordt herhaald, zonder de raspende bijtoon van de ʻamakihi. Familiegroepjes houden bijna voortdurend contact met zachte notities terwijl ze door de kronen werken.
Opname: Todd Mark — CC BY-NC-SA 3.0 · Hosmer Grove, Haleakala N. P., Maui, Hawaiian Is., USA, United States · xeno-canto
Herkenning
Het mannetje heeft een gele kop, keel en borst en olijfgroene bovendelen; het vrouwtje is doffer en groener op de kop. De snavel is kort, recht en spits, en er is geen donkere teugel. Jonge vogels zijn grijsgroen van boven, bleekgrijs van onderen en hebben twee vage vleugelstrepen; ze hebben enkele jaren nodig voor het volwassen kleed. Hij foerageert snel en acrobatisch over takken en twijgen, klimt ook omhoog en omlaag langs stammen en keert schorsschilfers en korstmos om, op zoek naar spinnen en rupsen en poppen van nachtvlinders. Jongen blijven tot twintig maanden bij de ouders, en in onaangetast bos helpt bij bijna alle paren een ouder jong bij het nest.
Verwarringssoorten
De hawaii-ʻamakihi, die op Maui in hetzelfde bos zit, heeft een duidelijk gebogen snavel, een zwarte teugel en een doffer, grijzer groen; hij hangt vaker aan bloemen. De mauipapegaaiensnavel (kiwikiu) is veel groter en heeft een zware, haakvormige bovensnavel. De ingevoerde Japanse brilvogel heeft een brede witte oogring en een fijnere, iets gebogen snavel. Bij twijfel geldt: rechte snavel plus ontbrekende teugelvlek wijst op de mauikruiper.
Leefgebied
Inheems bergregenwoud met ʻohiʻa en koa boven ongeveer 900 meter op Oost-Maui, plus een aangeplant naaldbos bij Polipoli en een rest droog bos aan de leizijde van Haleakala. Hij gebruikt zowel het kroondak als de onderetage en is minder aan bloemen gebonden dan de nectarzoekende honingkruipers; dat maakt hem minder afhankelijk van de bloeitijd van ʻohiʻa.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.
Verspreiding en trek
Endemisch op de Maui Nui-eilanden. De nominaatvorm bewoonde Lanaʻi en werd na de jaren dertig niet meer gevonden; de ondersoort newtoni houdt stand op Oost-Maui, waar drie populaties over zijn: het regenwoud van Haleakala National Park en de Hanawi-reservaten, de naaldaanplant van Polipoli en het droge bos van Kahikinui. Van West-Maui is hij verdwenen. Tussen 1980 en 2001 was er geen statistisch aantoonbare trend, maar de schattingen per telling lopen sterk uiteen. De soort is standvogel; er is geen seizoenstrek, hooguit hoogteverplaatsing.
- Jaarrond
Waar en wanneer kijken
Het pad bij Hosmer's Grove in Haleakala National Park en Polipoli Springs geven in de vroege ochtend de grootste kans. Zoek niet naar een zittende vogel maar naar beweging in de middenetage: de groepjes verraden zich door de luide roep en trekken in een paar minuten door een boom heen. Let daarbij op het rechte snaveltje in silhouet, want de gele tinten vallen tegen het licht weg.
Staat van instandhouding
De Rode Lijst voert de soort als bedreigd (EN), vooral vanwege het kleine areaal en de kwetsbaarheid voor vogelmalaria: na een beet van een besmette mug sterft ongeveer driekwart van de vogels. Het areaal ligt daardoor boven de hoogtegrens waar muggen zich het hele jaar handhaven, en die grens schuift met de temperatuur omhoog. Daarnaast spelen aantasting van het bos door verwilderde varkens, geiten en herten en de opmars van uitheemse planten als aardbeiguave. Rasters rond de reservaten van Hanawi en Haleakala en de bestrijding van hoefdieren zijn de lopende maatregelen; muggenbestrijding met steriele mannetjes is op Oost-Maui in uitvoering.
Wetenschappelijke naam
Paroreomyza montana | (Wilson, 1890)
Scott Wilson beschreef de soort in 1890 als Himatione montana naar een exemplaar van Lanaʻi; door de latere verhuizing naar een ander geslacht staan auteur en jaartal tussen haakjes. Paroreomyza is gevormd uit het Griekse para 'naast, nabij' en de geslachtsnaam Oreomyza, waarmee de nauwe verwantschap met de kruipers van Kauaʻi en Hawaï werd aangeduid. De soortnaam montana is Latijn voor 'van de bergen'. De Engelse naam volgt het Hawaïaanse ʻalauahio; de Nederlandse naam mauikruiper gaat terug op de oudere Engelse naam Maui Creeper.


