Alle soorten › Gierzwaluwachtigen › Kolibries › Yucatankolibrie

Yucatankolibrie | Amazilia yucatanensis

Buff-bellied Hummingbird | Amazilia de Yucatán

De yucatankolibrie is de enige kolibrie die het hele jaar in het uiterste zuiden van Texas blijft en er ook broedt. Voor kolibriebegrippen is hij groot en zwaar gebouwd, met een koraalrode snavel en een lichtbruine buik die hem van elke andere kolibrie van de Golfkust onderscheidt. Buiten het broedseizoen trekt een deel van de vogels juist noordoostwaarts langs de kust, de omgekeerde richting van wat men van een kolibrie verwacht.

Yucatankolibrie (Amazilia yucatanensis)
Foto: Bettina Arrigoni — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Het geluid is schril en kort: een droog tik of tik-k dat hij tussen twee bloemen door laat vallen, en bij baltsvluchten een tweelettergrepig tsie-wie. Wordt een indringer weggejaagd, dan gaat dat over in een lange, lage ratel van snel herhaalde noten. Echte zang kent de soort niet; wat er van een afstand voor doorgaat is een onregelmatig getjilp vanaf een vaste tak boven het struweel. Het gegons van de vleugels is voor een kolibrie laag en zwaar en is vaak het eerste wat je in een stille tuin opmerkt.

Luister: RoepXC446193

Opname: Manuel Grosselet — CC BY-NC-SA 4.0 · Chemuyil predio el venado Tulum, Quintana Roo, Mexico · xeno-canto

Herkenning

De bovendelen zijn metaalachtig bronsgroen, doffer op de kruin; keel en borst glanzen geelgroen tot smaragd, en de buik en de onderstaartdekveren zijn warm lichtbruin tot kaneelkleurig — het kenmerk dat in elk licht werkt. De staart is roestrood met bronsgroene punt en blijft bij het hangen voor een bloem in beweging. De glans op de keel is geen kleurstof maar interferentiekleur uit de gelaagde bouw van de veertjes: valt het licht van opzij, dan is diezelfde keel eenvoudig grijs. Het mannetje heeft een roze tot koraalrode snavel met donkere punt, bij het vrouwtje is de bovensnavel grotendeels donker; jonge vogels zijn doffer, met een donkere snavel en grijzige borst.

Verwarrings­soorten

De berylkolibrie (Saucerottia beryllina) is even groot en heeft eenzelfde roodachtige staart, maar groene in plaats van lichtbruine onderdelen en een roestrode vleugelvlek; bovendien leeft hij in de bergen van het zuidwesten, ver van het areaal van deze soort. De robijnkeelkolibrie, in het oosten de enige gewone kolibrie, is veel kleiner en heeft een zwarte snavel en witte onderdelen. Vrouwtjes van de zwartkinkolibrie zijn eveneens kleiner en missen zowel de rode snavel als de roestrode staart. Bij twijfel beslist de combinatie: rode snavel, roestrode staart en lichtbruine buik heeft in de Verenigde Staten geen andere kolibrie.

Leefgebied

Halfopen, vrij droog terrein: doornbos, houtwallen, bosranden, de zoom van dichter loofbos, en in hoge mate ook stads- en dorpstuinen met bloeiende struiken. In Texas is hij een vogel van het mesquite (doornige peulstruik van het zuidwesten, vormt dichte bosjes)-doornstruweel van de benedenloop van de Rio Grande en van tuinen met voederflessen. Gesloten hoog regenwoud en open grasvlakte gebruikt hij niet. Water in de buurt is geen voorwaarde, bloeiende struiken wel.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.

Verspreiding en trek

Standvogel van de Golfzijde van Mexico, van Tamaulipas en zuidoostelijk Nuevo León zuidwaarts over San Luis Potosí, Veracruz en Tabasco tot het schiereiland Yucatán, Belize en noordelijk Guatemala, en in het uiterste zuiden van Texas. In de twintigste eeuw is hij in Texas noordwaarts opgeschoven tot voorbij Corpus Christi. Buiten het broedseizoen verplaatst een deel van de vogels zich noord- en oostwaarts langs de Golfkust, regelmatig tot Louisiana, Mississippi, Alabama en de panhandle van Florida — een beweging van de evenaar af in plaats van ernaartoe. Enkelingen halen North Carolina.

  • Jaarrond
  • Broedvogel (zomer)
  • Winter
  • Doortrek
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
De kaart is een dichtheidsveld en geen ingetekende arealgrens: hij is opgebouwd uit de waarnemingen zelf en houdt zich daarom niet aan staats- of landsgrenzen. Zowel de seizoenskleur als de kleurdiepte komt per hokje uit de tellingen van GBIF (2006–2026), geteld per hokje van 0,7° en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. Elk hokje wordt afzonderlijk in juni–juli, december–januari en de trekmaanden geteld, en krijgt de kleur van het seizoen dat er wint; een hokje heet pas broedvogel of wintervogel als het andere seizoen er bijna leeg is. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein). Deze soort komt in een klein gebied voor; de kaart is daarop ingezoomd.

Waar en wanneer kijken

Zoek hem in een tuin met voederflessen in de benedenloop van de Rio Grande, van november tot maart, wanneer er weinig bloeit en alle kolibries op suikerwater afkomen. Ga niet op de keelkleur af, die schakelt met elke draai van de kop; kijk naar de buik en de snavel. Buiten Texas zoek je hem in de winter in kusttuinen van Louisiana, waar vogels soms maandenlang bij één voederfles blijven.

Staat van instandhouding

De soort geldt als niet bedreigd (LC) en neemt sinds de jaren tachtig in aantal toe; de noordgrens schuift mee. Tuinen met voederflessen en aangeplante bloeiende struiken langs de Golfkust hebben daar deel aan. Het doornbos van de benedenloop van de Rio Grande, zijn kerngebied in de Verenigde Staten, is grotendeels in akkerland omgezet; wat ervan over is ligt vooral in reservaten.

Wetenschappelijke naam

Amazilia yucatanensis | (Cabot, 1845)

Samuel Cabot jr. beschreef de soort in 1845 als Trochilus yucatanensis, naar materiaal van Yucatán; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. yucatanensis betekent eenvoudig 'van Yucatán', de typelocatie. Het geslacht Amazilia werd in 1843 ingevoerd door Lesson en is genoemd naar Amazili, een Incaanse heldin uit de roman Les Incas van Jean-François Marmontel. Daarmee is A. yucatanensis een van de weinige vogels wier geslachtsnaam op een romanfiguur teruggaat.