Alle soorten › Steltloperachtigen › Strandlopers en snippen › Rode grutto

Rode grutto | Limosa haemastica

Hudsonian Godwit | Aguja Café

De rode grutto broedt in het noorden van Canada en Alaska en overwintert in het uiterste zuiden van Zuid-Amerika. In zuidelijk Afrika is het een uitzonderlijke dwaalgast, die meestal tussen groepen rosse grutto's of andere grote steltlopers opduikt. Elke waarneming verdient zorgvuldige documentatie.

Rode grutto (Limosa haemastica)
Foto: JJ Harrison (https://www.jjharrison.com.au/) — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Meestal stil buiten het broedgebied. In de vlucht soms een hoog, dubbel kwie-wiet of een enkel kwiet, hoger dan de roepen van de grutto.

Luister: ZangXC1063392

Opname: Avery Bartels — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

37–42 cm. Een slanke grutto met een lange, licht opgewipte snavel, roze aan de basis en donker aan de punt. In het winterkleed, dat in het gebied het meest te verwachten is, egaal grijsbruin van boven en lichter grijs van onderen, met een smalle witte wenkbrauwstreep. Het beste kenmerk is de ondervleugel: de ondervleugeldekveren en oksels zijn zwart, wat in de vlucht een donkere 'oksel' tot halverwege de vleugel geeft. Van boven een smalle witte vleugelstreep, een witte stuit en een zwarte staart. In het zomerkleed is de onderzijde diep kastanjerood met fijne streping.

Verwarrings­soorten

De grutto Limosa limosa heeft een vergelijkbaar patroon van witte stuit, zwarte staart en witte vleugelstreep, maar de vleugelstreep is breder en de ondervleugel is wit, niet zwart; ook is de snavel rechter en de poot langer. De rosse grutto Limosa lapponica mist de brede vleugelstreep, heeft een gebandeerde staart en een witte wig op de rug en is van boven gestreept in plaats van egaal.

Leefgebied

Estuaria, getijdenslikken en lagunes, ook ondiepe zoutpannen en rioolwerken bij de kust. Foerageert wadend in ondiep water, met de snavel diep in het slik en de kop soms geheel onder water.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van zuidelijk Afrika.

Verspreiding en trek

In het gebied slechts een handvol aanvaarde waarnemingen, vrijwel alle aan de kust van Zuid-Afrika. Broedt in subarctisch Canada en Alaska en trekt over de Atlantische Oceaan en het binnenland van Noord-Amerika naar Argentinië en Chili; ook elders in de Oude Wereld een uitzonderlijke dwaalgast.

Hoe en wanneer kijken

Controleer groepen rosse grutto's en grutto's in estuaria op een vogel met een egaal grijze bovenzijde en laat hem opvliegen of zijn vleugels strekken: de zwarte ondervleugel is doorslaggevend. Foto's van de gespreide vleugel zijn voor aanvaarding door een zeldzaamhedencommissie vrijwel onmisbaar.

Staat van instandhouding

Kwetsbaar. De wereldpopulatie is klein en geconcentreerd op een paar pleisterplaatsen tijdens de trek en in het overwinteringsgebied, wat de soort gevoelig maakt voor habitatverlies, verstoring en klimaatverandering in het broedgebied. In zuidelijk Afrika speelt de soort voor de bescherming geen rol.

Wetenschappelijke naam

Limosa haemastica | (Linnaeus, 1758)

Linnaeus beschreef de soort in 1758 als Scolopax Haemastica; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Limosa werd in 1760 ingevoerd door Brisson. Limosa is Latijn voor 'modderig', van limus 'modder'. haemastica komt van het Griekse haimatikos, 'bloedrood' — naar de diep roodbruine onderdelen in het broedkleed. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Hudsonbaai, Canada.