Alle soorten › Roofvogels › Havikachtigen › Zwartborstslangenarend

Zwartborstslangenarend | Circaetus pectoralis

Black-Chested Snake Eagle | Culebrera Pechinegra

De zwartborstslangenarend is de slangenarend van het open land: een forse arend met een zwarte kop en borst boven een smetteloos witte buik, die hoog boven grasland en savanne bidt en zich dan met hangende poten op een slang laat vallen. De grote gele ogen geven hem een uilachtige blik.

Zwartborstslangenarend (Circaetus pectoralis)
Foto: Derek Keats from Johannesburg, South Africa — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Meestal zwijgzaam. In de broedtijd een melodieus, fluitend kwo-kwo-kwo-kwiiieuw, vaak in de vlucht, en een zacht kwo-geluid bij het nest.

Voor deze soort is nog geen opname met een geschikte Creative Commons-licentie beschikbaar.

Herkenning

63–68 cm, spanwijdte 160–185 cm. Kop, borst en bovendelen donker zwartbruin; buik, broek en onderstaartdekveren zuiver wit en ongevlekt. Grote, heldergele ogen in een ronde kop; kale, grijswitte poten. In de vlucht zijn de ondervleugeldekveren wit en de slagpennen wit met drie tot vier smalle zwarte banden; de staart heeft drie brede donkere banden. De geslachten zijn gelijk, het vrouwtje iets groter. De jonge vogel is egaal warm roodbruin, met een lichtere, roestbruine onderzijde; onvolwassen vogels zijn in het tweede en derde jaar bont bruin en wit gevlekt.

Verwarrings­soorten

De vechtarend (Polemaetus bellicosus) is veel groter, heeft een donkere ondervleugel, kleine donkere vlekken op de witte buik en bevederde poten. De bruine slangenarend (Circaetus cinereus) is geheel donkerbruin, ook onder; jonge zwartborstslangenarenden zijn warmer roodbruin en hebben een lichtere ondervleugel. De visarend heeft een witte kop met zwarte oogstreep.

Leefgebied

Open en halfopen land: acaciasavanne, grasland, Karoo en halfwoestijn met verspreide bomen, ook open bosveld. Bidt als enige arend van het gebied geregeld langdurig op één plek. Eet vooral slangen, ook giftige, verder hagedissen en soms kleine zoogdieren. Het nest is klein en ligt boven op een lage, platte boom, vaak een acacia of euphorbia.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van zuidelijk Afrika.

Verspreiding en trek

Wijdverspreid in vrijwel het hele gebied: Zuid-Afrika (schaars in de Westkaap en de hoogste delen van de Drakensberg), Eswatini, Lesotho (zeldzaam), Namibië, Botswana, Zimbabwe, Mozambique, Zambia, Malawi en Angola. In droge jaren duiken vogels op buiten hun gewone gebied. Buiten het gebied in Oost-Afrika tot Ethiopië en Soedan.

  • Jaarrond
  • Zomergast (ca. okt–mrt)
  • Wintergast (ca. apr–sep)
  • Doortrek (mrt–apr, okt–nov)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-09-01 – 2026-08-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Let tijdens ritten door open savanne en grasland op een grote arend die met snel slaande vleugels stilhangt: dat is bijna altijd deze soort. Zittende vogels kiezen de top van een elektriciteitsmast of een boom met vrij uitzicht. Een witte buik zonder vlekken en kale poten scheiden hem van de vechtarend.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. De soort is wijdverspreid en vrij algemeen. Plaatselijk komen slachtoffers voor door elektrocutie en aanvaringen met hoogspanningsleidingen.

Wetenschappelijke naam

Circaetus pectoralis | Smith, 1829

Smith beschreef de soort in 1829 als Circaeetus pectoralis; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Circaetus werd in 1816 ingevoerd door Vieillot. Circaetus is Grieks, van kirkos, een soort havik, en aetos 'arend'. pectoralis is Latijn voor 'van de borst', van pectus — naar de donkere borst die scherp afsteekt tegen de witte buik. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Zuid-Afrika (niet nader bepaald).