Moria
Voor elk van de 31.102 verzen heeft Moria al uitgezocht welke andere teksten ermee verwant zijn, langs vijf methoden die niet van elkaar afhangen — en het laat je, vers voor vers, zien waaruit elk verband werkelijk bestaat.
Wat erin zit
De tekst, in vijf vertalingen en twee grondtalen. De Statenvertaling in de uitgebreide uitgave, waarin bij elk Nederlands woord een Strong-nummer staat, met de oorspronkelijke kanttekeningen; de King James Version, de Berean Standard Bible, de Reina-Valera 1909 en de Versión Biblia Libre; het Hebreeuws van de Westminster Leningrad Codex en het Grieks van MorphGNT/SBLGNT, beide volledig ontleed — 444.000 woorden met lemma, woordsoort en morfologie.
De Septuaginta, uitgelijnd. Swete’s uitgave van het Griekse Oude Testament, gezet naast de gewone versnummering. Die uitlijning is geen handgeschreven tabel: ze is uit de tekst zelf afgeleid. Eigennamen overleven een vertaling — Ἰσραήλ naast Jisraël — en daaruit valt, samen met de verslengte, per boek een uitlijning af te leiden die nergens terugspringt. Op 34 bekende ijkpunten komt ze in 33 gevallen goed uit.
Een kaart, een synopsis en een concordantie. Bijbelse plaatsen met coördinaten uit TIPNR van Tyndale House over een vereenvoudigde kustlijn van Natural Earth; de vier evangeliën naast elkaar, elk vers tegenover zijn naaste tegenhanger in de andere drie; doorzoekbare morfologie, zodat alle qal-imperatieven van שׁמע een zoekvraag is en geen project.
Een dossier dat van jou is. Verzen die je onder het lezen verzamelt, elk met een notitie, opgeslagen als een klein JSON-bestand naast je werk — bewust een bestand en geen browseropslag, zodat er niets verdwijnt wanneer een browser zijn geheugen opruimt. Je kunt het exporteren naar Word en Markdown.
De vijf methoden, en wat elk ervan wel en niet kan laten zien
De meeste studiebijbels geven je een kolom kruisverwijzingen en geen woord over waar die vandaan komen. Moria doet het omgekeerde: het legt voor elk vers vijf soorten verband vast en laat bij elk zien waarop het berust. De vijf zijn bewust verschillend van elkaar: waar meerdere ervan onafhankelijk op hetzelfde tekstpaar uitkomen, betekent die samenloop iets. Waar er maar één uitkomt, doet de aard van het bewijs ertoe — en die wordt genoemd.
| Methode | Waar ze op berust | Wat ze vindt |
|---|---|---|
| Kruisverwijzingen | De openbible.info-dataset (CC-BY): ongeveer 700.000 gerichte versparen met een score op basis van lezersstemmen, grotendeels uit de Treasury of Scripture Knowledge. Een interpretatietraditie, geen meting aan de tekst — en de enige methode die geen woordbewijs toont, omdat er geen is. | De klassieke verwijzingen, gewogen naar hoeveel lezers ze hebben bevestigd. |
| Grondtekstovereenkomst | Lemma's en Strong-nummers uit de Westminster Leningrad Codex en MorphGNT/SBLGNT; tf-idf over losse woorden en woordparen. Slaat geen brug tussen het Hebreeuws en het Grieks; daarvoor is de Septuaginta-brug. | Parallelteksten en woordelijke ontlening bínnen één taal — 2 Koningen 18 tegenover Jesaja 36. |
| Citaat via de Septuaginta | Elk nieuwtestamentisch vers vergeleken met het Griekse Oude Testament (Swete), op woordvormen, woordparen en zeldzame woordreeksen. Zwijgt waar het Nieuwe Testament een andere Griekse tekst volgt, of waar het zelf het Hebreeuws weergeeft. | Oudtestamentische citaten in het Nieuwe op het niveau van de grondtekst — zonder vertaling ertussen. |
| Citaat via de vertaling | Zeldzame woordgroepen van vier inhoudswoorden die twee verzen delen, gewogen op zeldzaamheid. Loopt via een vertaling; de formuleringen daarvan bepalen mede wat er gevonden wordt. | Citaten en toespelingen dwars door de canon, ook waar het Grieks uiteenloopt. |
| Thematisch verwant | Latent-semantische analyse in 300 dimensies over twee vertalingen tegelijk, gemengd met directe woordoverlap. Statistisch, niet exegetisch. Beoordeel elk resultaat zelf. | Teksten die over hetzelfde gaan zonder dezelfde woorden te gebruiken. |
Ze worden juist apart gehouden omdat ze op verschillende manieren falen. Een statistische methode drijft af naar woordenschat; een overgeleverde verwijzingenlijst brengt de aannames van haar samenstellers mee; een citaatzoeker vindt alleen wat geciteerd is. Samen gelezen, met hun bewijs zichtbaar, laten ze je zien met wat voor soort bewering je te maken hebt. Hoe elke methode precies werkt →
Waarin het verschilt
Bij elk verband staat het bewijs, ter plekke opnieuw berekend voor de twee verzen met exact dezelfde woordindeling en stopwoordenlijsten als de analyse zelf — anders zou er iets anders gemarkeerd worden dan wat de score veroorzaakt heeft.
Bij een citaat via de Septuaginta is dat bewijs de gedeelde Griekse woordreeks: bij Psalm 110:1 en Hebreeën 1:13 is dat Κάθου … δεξιῶν … ἕως … ἐχθρούς … ὑποπόδιον … ποδῶν. Bij grondtekstovereenkomst zijn het de gedeelde lemma’s, geordend op zeldzaamheid zodat het onderscheidende woord vooraan staat en niet het lidwoord. Bij thematische verwantschap zijn het de gedeelde inhoudswoorden, gemarkeerd in de tekst.
En bij de klassieke kruisverwijzingen staat er niets — en dat is het punt. Dat zijn oordelen die lezers hebben doorgegeven, geen metingen aan de tekst. Ze zijn niet minder waard, maar ze berusten op iets anders, en dat verschil hoort zichtbaar te zijn.
Geen server, geen account, niets dat je volgt. Moria is één HTML-bestand. Alles — alle vijf de vertalingen, beide grondtalen, de Septuaginta, de vooraf berekende analyses, de kaart — zit erin. Zodra het geladen is kun je de verbinding verbreken. Bewaar het bestand en het werkt over tien jaar nog steeds.