Alle soorten › Zangvogels › Kraaiachtigen › Australische kraai
Australische kraai | Corvus orru
Torresian Crow | Cuervo de Torres
De Australische kraai is de kraaiachtige van het tropische noorden en van de westkust, en in Darwin, Cairns en Brisbane de vogel die op elk dak, elke lantaarnpaal en elke vuilnisbak zit. Hij is glanzend zwart met een wit oog in een fijne blauwe ring, en hij verraadt zich door een gewoonte die geen van zijn verwanten heeft: na elke landing schudt en herschikt hij overdreven zijn vleugels.
Geluid
De roep is nasaal en staccato, met een metalige klank: oek-oek-oek-oek of ok-ok-ok-ok, meestal meer dan drie noten en alle even kort — nooit de lange wegstervende jammer van de Australische raaf. Bij ruzie klinkt een harder arr-arr-arr, en soms een enkele opgaande noot die veel op een miauwende kat lijkt. In de stad roept hij het hele jaar door en ook 's nachts.
Opname: Étienne Leroy — CC BY-NC-SA 4.0 · Twelve Mile Lagoon, Lakefield National Park, Queensland, Australia · xeno-canto
Herkenning
Een grote zwarte vogel van een halve meter, glanzend op de rug en doffer op de borst, met een grijszwarte snavel ongeveer zo lang als de kop en een brede, recht afgesneden staart. Het oog is wit met een fijne blauwe ring. Het beslissende kenmerk zit onder de veren: de veerbases op kop en hals zijn wit, niet grijs, en dat is te zien zodra de wind of de vogel zelf het kleed opzet. Jonge vogels zijn dof met een blauw oog tot een maand of negen.
Verwarringssoorten
De Australische raaf (Corvus coronoides) heeft lange keelveren die bij het roepen opbollen, grijze veerbases en die lange, wegstervende slotnoot; het areaal overlapt maar smal, langs de oostkust en in het zuidwesten. De kleine raaf (Corvus mellori) klapt bij elke noot beide vleugels omhoog en zit zuidelijker. Bennetts kraai (Corvus bennetti) van het droge binnenland is kleiner en heeft helemaal geen keelveren. Het vleugelschudden na de landing is hier het snelste kenmerk.
Leefgebied
Savanne met eucalyptus en de bosranden daarin, rivierbos met hoge bomen langs kreken, akkerland en suikerriet, stranden en mangroverand, en vooral de stad: daken, straatbomen, parkeerterreinen en vuilstort. Hij heeft hoge bomen nodig om in te nestelen en komt niet ver van permanent water. In de droge tijd concentreert hij zich langs de kreken en in de bebouwing.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar hoofdgroep en formatie.
Verspreiding en trek
Noordelijk Australië van de Kimberley over het Top End tot Kaap York en zuidwaarts langs de oostkust tot Forster in Nieuw-Zuid-Wales, en daarnaast een westelijke tak van Geraldton tot Norseman in West-Australië. Hij is de gewoonste kraaiachtige van de kustplaatsen tussen Forster en Brisbane en van Darwin. Buiten Australië komt hij voor op de Molukken en in Nieuw-Guinea; hij trekt niet, maar zwerft plaatselijk achter voedsel aan.
- Jaarrond
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
Kijk naar het moment van landen. Strijkt de vogel neer op een paal of een dak en schudt hij daarna nadrukkelijk met de gevouwen vleugels, dan is het deze soort; die beweging is bij de raven niet vast. Luister daarna naar de roep: kort, nasaal en afgekapt. Wie een dode of ruiende vogel vindt, blaast het halskleed open — witte veerbases wijzen op de kraaien, grijze op de raven.
Staat van instandhouding
Niet bedreigd (LC). De soort is talrijk, breidt zich in het zuidoosten van haar areaal nog uit en heeft baat bij steden, veeteelt en afval; in Brisbane en Darwin is ze in de twintigste eeuw duidelijk toegenomen. Waar ze in dorpen 's nachts roept en om vuilnis vecht, geldt ze als overlast, maar dat drukt de aantallen niet.
Wetenschappelijke naam
Corvus orru | Bonaparte, 1850
Bonaparte beschreef de vogel in 1850 als Corvus orru, en in dat geslacht staat hij nog steeds, zodat auteur en jaartal zonder haakjes blijven. Corvus is het Latijnse woord voor raaf. De herkomst van orru is onzeker: Jobling schrijft in het Helm Dictionary (p. 285) dat de naam mogelijk teruggaat op een Papoease benaming. De vorm van de Bismarck-archipel is inmiddels als eigen soort Corvus insularis afgesplitst; de Australische vogel blijft Corvus orru.



