Alle soorten › Eendachtigen › Eenden, ganzen en zwanen › Hawaii-eend

Hawaii-eend | Anas wyvilliana

Hawaiian Duck | Pato de Hawái

De hawaii-eend is de enige inheemse eend van de Hawaïaanse eilanden: een gedrongen, gevlekt bruine eend die op een kleine, doffe wilde eend lijkt, maar op bergbeken en in moerassen leeft waar de wilde eend van nature niet voorkomt. Hij is aanzienlijk kleiner dan de wilde eend en draagt, anders dan die soort, geen apart seizoenskleed. De grootste bedreiging is niet jacht of habitatverlies, maar de wilde eend zelf: uitgezette en verwilderde wilde eenden kruisen op grote schaal met de hawaii-eend.

Hawaii-eend (Anas wyvilliana)
Foto: DickDaniels — CC BY-SA 3.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Hij kwaakt zoals een wilde eend, maar zachter en veel minder vaak: waar een groep wilde eenden voortdurend een kwakend rumoer maakt, blijft een groep hawaii-eenden stil. Het mannetje laat een ingehoudener roep horen dan het luidere kwaken van het vrouwtje. Op de stille bergbeken waar de soort leeft draagt elk geluid al van ver, en juist de spaarzaamheid van de roep is voor wie de soort zoekt een bruikbaar signaal.

Luister: RoepXC503261

Opname: Phoenix Birder — CC BY-NC-SA 4.0 · Hanalei NWR, Kauai County, Hawaii, United States · xeno-canto

Herkenning

Beide seksen zijn gevlekt donkerbruin, vergelijkbaar met een vrouwtje wilde eend, maar met een donkere in plaats van zwart-witte staart en een blauwgroene spiegel die aan weerszijden door een witte rand is afgezet. Het mannetje heeft een donkerder kop en hals dan het vrouwtje en een olijfgroene snavel; het vrouwtje is lichter getekend, kleiner, en draagt een doforanje snavel met donkere vlekken. Beide seksen hebben oranjegele poten. Eerstejaarsmannetjes lijken op een wilde eend in eclipskleed en zijn pas na de eerste rui met zekerheid van het vrouwtje te onderscheiden.

Verwarrings­soorten

De grootste verwarringsbron is meteen ook de grootste bedreiging: de wilde eend (Anas platyrhynchos), die op de meeste eilanden is uitgezet en inmiddels overal met de hawaii-eend kruist. Een hybride verraadt zich door elementen van het wilde-eendkleed die de hawaii-eend zelf niet heeft: een krullende bovenstaartveer, een vage witte halsring, of groene vlekken op de kop van het mannetje. Op Oʻahu bestaat de plaatselijke populatie tegenwoordig vrijwel volledig uit zulke mengvogels, en alleen op Kauaʻi, waar wilde eenden schaars zijn gebleven, is de kans op een zuivere vogel het grootst.

Leefgebied

Hij gebruikt een breed scala aan zoetwater: moerassen, overstroomde graslanden, kustvijvers, bergbeken tot ver in de bergen en traditionele taro-akkers, en foerageert daarbij het liefst in water van nog geen vijftien centimeter diep. Anders dan de wilde eend, die vooral laagland opzoekt, is de hawaii-eend ook diep de bergen in te vinden, langs snelstromende beken tussen dicht regenwoud. Die voorkeur voor afgelegen bergstromen is een deel van zijn overleving: daar komen wilde eenden minder gemakkelijk, en blijft kruising beperkter dan in het laagland.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.

Verspreiding en trek

De hawaii-eend komt uitsluitend voor op de Hawaïaanse eilanden en nergens anders ter wereld. Van nature bewoonde hij alle grote eilanden behalve Kahoʻolawe, maar in het midden van de twintigste eeuw was hij overal verdwenen op Kauaʻi na — daar had hij, mede dankzij het ontbreken van de mangoeste, standgehouden. Sindsdien is hij met gefokte vogels teruggezet op Oʻahu, Maui, Molokaʻi en Hawaï, maar alleen de oorspronkelijke populatie op Kauaʻi bestaat nog grotendeels uit genetisch zuivere vogels. Hij trekt niet: eenmaal gevestigd blijft een vogel zijn leven lang in hetzelfde stroomgebied.

HawaïNiihauKauaiOahuLanaiMolokaiKahoolaweMauiHawaii
  • Jaarrond
Kaartje van de archipel zelf: op de kaart van Noord-Amerika zou deze vogel een stipje linksonder zijn, en juist bij eilandsoorten gaat het om de vraag op wélke eilanden hij zit. De eilanden waar hij ontbreekt staan er grijs bij. Per eiland gemeten aan de waarnemingen van GBIF: het aantal waarnemingen van de soort gedeeld door alle vogelwaarnemingen daar, per seizoen, net als op de gewone kaart. Op Niihau en Kahoolawe wordt zo weinig gekeken dat de meting daar zwijgt en de standaardwerken het zeggen. Eilandcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Kauaʻi is de beste plek om de soort in zijn zuiverste vorm te zien, bijvoorbeeld rond de moerassen van Hanalei; zoek liever een rustige bergbeek op dan een vijver bij een resort, waar de kans op hybriden met wilde eenden veel groter is. Let op de combinatie van donkere staart en blauwgroene spiegel, en niet op de precieze kleur van de kop — die verraadt bij een hybride juist niets betrouwbaars.

Staat van instandhouding

De soort is kwetsbaar (VU); de wereldpopulatie wordt op ongeveer 2.200 vogels geschat, waarvan het overgrote deel — zo'n 2.000 — op Kauaʻi leeft en de rest voornamelijk op Hawaï; de trend is voorzichtig toenemend. In de eerste helft van de twintigste eeuw werd de soort bijna uitgeroeid door jacht en het droogleggen van laaglandmoerassen, en fokprogramma's en uitzettingen sinds de jaren vijftig hebben hem op de andere eilanden teruggebracht. De belangrijkste bedreiging is nu genetisch: op de meeste eilanden waar hij is teruggezet, vermengt hij zich zo sterk met verwilderde wilde eenden dat van de oorspronkelijke soort weinig zuivers overblijft.

Wetenschappelijke naam

Anas wyvilliana | Sclater, 1878

Sclater beschreef de soort in 1878 als Anas wyvilliana, in hetzelfde geslacht waarin ze nu nog staat, vandaar geen haakjes om auteur en jaartal. Anas is Latijn voor 'eend', ingevoerd door Linnaeus in 1758. wyvilliana eert Charles Wyville Thomson, de wetenschappelijk leider van de Challenger-expeditie, tijdens wiens bezoek aan Hawaï in 1875 het typemateriaal werd verzameld. De typelocatie is niet nauwkeuriger vastgelegd dan 'de Hawaïaanse eilanden'.