Alle soorten › Zangvogels › Zwaluwen › Purperzwaluw
Purperzwaluw | Progne subis
Purple Martin | Golondrina purpúrea
De purperzwaluw is de grootste zwaluw van het continent, en in het oosten woont vrijwel de hele populatie in door mensen opgehangen kalebassen en nestkastflats. Het volwassen mannetje is de enige geheel donkere zwaluw van Noord-Amerika: staalblauw met paarse glans, ook op buik en onderstaart.
Geluid
Het geluid is dieper en voller dan van elke andere zwaluw hier: een reeks rollende, borrelende tsjer-tsjer-klanken en een helder, vallend tsjoe dat de vogels elkaar in de vlucht toeroepen. Ruim voor zonsopgang stijgt een oud mannetje honderden meters op en laat een aparte, krakende strofe horen die jonge vogels naar de kolonie trekt; wie een nieuwe kolonie wil beginnen, speelt precies die strofe af. Jongen bedelen met een schel, aanhoudend gepiep dat door de opening van de kalebas naar buiten komt. Het najaarsgeluid is dat van de slaapplaats: duizenden vogels tegelijk, een ruisend gekwetter tot het donker is.
Opname: David A. Brinkman — CC BY-NC-SA 4.0 · Harrison Township (near Harrison), Hamilton County, Ohio, United States · xeno-canto
Herkenning
Groot en breed van vleugel voor een zwaluw, met een korte, licht gevorkte staart en een diepe borst; in de vlucht wisselt hij lange glijvluchten af met korte, snelle slagenreeksen, meer als een kleine valk dan als een boerenzwaluw. Het volwassen mannetje is geheel donker: staalblauw met paarse weerschijn op kop, rug en onderdelen. Vrouwtjes en vogels van het eerste jaar zijn van boven doffer blauwgrijs en van onder vuilgrijs, met een grijze halsband en een licht gevlekte buik. Jonge mannetjes krijgen het volle donkere kleed pas in hun tweede jaar, zodat in een kolonie altijd bonte tussenvormen zitten.
Verwarringssoorten
De grijsborstpurperzwaluw (Progne chalybea) van tropisch Mexico is kleiner en heeft altijd een witte buik, ook het mannetje. De Cubaanse purperzwaluw (P. cryptoleuca) en de Caraïbische purperzwaluw (P. dominicensis) zijn de tegenhangers op de eilanden; bij beide is het mannetje donker met een scherp afgesneden witte buik, die bij een overvliegende vogel vaak niet zichtbaar is. Vrouwtjes en jonge vogels van al deze soorten lijken sterk op elkaar en zijn buiten hun eigen gebied vaak niet met zekerheid te benoemen. In de praktijk is een donkere zwaluw met spitse vleugels boven een dorp in het oosten altijd deze soort.
Leefgebied
Open land met veel lucht erboven en water in de buurt: dorpsranden, weiland, golfbanen, oevers van meren en rivieren, en vooral erven en pleinen waar iemand een paal met kalebassen heeft gezet. Boven water en grasland jaagt hij hoger dan de meeste zwaluwen, vaak op tientallen meters. Gesloten bos en dichte bebouwing zonder open ruimte gebruikt hij niet. In het westen en in het noordwesten van Mexico zit hij nog in oude spechtengaten in dode bomen en in holten in reuzencactussen — hetzelfde leefgebied dat de soort overal had voordat de nestkasten kwamen.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.
Verspreiding en trek
Zomervogel van het oosten van Noord-Amerika, van Texas en Florida tot in de Canadese prairieprovincies en de Maritieme Provincies, met daarnaast losse en veel kleinere populaties langs de westkust, in de Rocky Mountains, in Arizona en in het noordwesten van Mexico. Hij overwintert in Zuid-Amerika — Brazilië, Bolivia en Peru — ver buiten deze kaart, die dus alleen het broedgebied en de doortrek laat zien. De trek gaat over land, dwars door Mexico en Midden-Amerika, en in het najaar tekenen de grote slaapplaatsen zich op weerradar af als groeiende ringen. De eerste vogels zijn in januari al aan de Golfkust, terwijl het noorden pas in mei bezet raakt.
- Jaarrond
- Broedvogel (zomer)
- Doortrek
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
Zoek in mei en juni een paal met witte kalebassen of een aluminium nestkastflat bij een boerderij, een parkeerplaats aan een meer of een dorpsplein; wat daar rondvliegt is nagenoeg altijd purperzwaluw. Kijk vanaf eind juli naar de slaapplaatsen: een uur voor zonsondergang komen de vogels in linten van alle kanten aan boven een rietveld, een brug of een parkeerterrein. Verder wijst een donkere zwaluw hoog boven het weiland het hele seizoen op deze soort.
Staat van instandhouding
Wereldwijd niet bedreigd (LC), maar in het oosten volledig afhankelijk van mensen: vrijwel elk paar zit daar in een opgehangen kalebas of nestkast, en zonder dat onderhoud verdwijnt de soort uit hele streken. Spreeuw en huismus namen in de twintigste eeuw de natuurlijke holten over, en de kolonies die overbleven zijn de kolonies die iemand bijhield. De mensen die dat werk doen vergrijzen, en dat geldt inmiddels als de grootste zorg voor de soort. Daar bovenop komen koude, natte periodes in het voorjaar, waarin een kolonie luchtjagers binnen enkele dagen kan verhongeren.
Wetenschappelijke naam
Progne subis | (Linnaeus, 1758)
Linnaeus beschreef de soort in 1758 als Hirundo subis, bij de zwaluwen van de Oude Wereld; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Progne werd in 1826 ingevoerd door Boie, naar Procne, die in de Griekse mythe in een zwaluw werd veranderd. subis is een Latijnse vogelnaam bij Plinius, van een vogel die de eieren van arenden zou stukslaan. Het beschreven exemplaar kwam van Hudsonbaai.




