Alle soorten › Roofvogels › Havikachtigen › Rosse ruigpootbuizerd

Rosse ruigpootbuizerd | Buteo regalis

Ferruginous Hawk | Busardo herrumbroso

De rosse ruigpootbuizerd is de grootste buizerd van Noord-Amerika: een vogel van de droge vlakten, met roestbruine bovendelen, een zware kop en poten die tot aan de tenen bevederd zijn. Hij jaagt vrijwel uitsluitend op grondbewonende zoogdieren — hazen, konijnen, grondeekhoorns en prairiehonden.

Rosse ruigpootbuizerd (Buteo regalis)
Hoofdfoto · Foto: Channel City Camera Club — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Klik op een duimnagel om de foto hierboven te wisselen.

Geluid

Hij laat zich zelden horen. Bij verstoring aan het nest geven zowel de oudervogels als pas uitgevlogen jongen een krassende schreeuw die aan een grote meeuw doet denken. Kleine nestjongen piepen kort en hoog. Bij een duikaanval op een indringer komt het luidste geluid niet van de stem maar van de vleugel: een luid suizen wanneer de vogel langs scheert.

Luister: VluchtroepXC961082

Opname: Sue Riffe — CC BY-NC-SA 4.0 · CR25, Crowley Cty, Colorado, United States · xeno-canto

Herkenning

Een grote buizerd met lange, aan het eind spitse vleugels, een grote kop en een zware bek. De gewone lichte vorm is van onderen wit, met roestbruine bovendelen, een bleke kop en roestbruine bevederde poten die in de zweefvlucht een donkere V tegen de witte buik vormen. De zeldzamere donkere vorm is diep roodbruin tot chocoladebruin over lichaam en ondervleugeldekveren, maar houdt de witte staart en de lichte slagpennen. Bij alle kleden zijn de handpennen aan de basis wit, wat in vlucht een licht venster in de buitenvleugel geeft, en lopen de veren door tot op de tenen — wat hem samen met de ruigpootbuizerd van elke andere buizerd van het gebied onderscheidt. Jonge vogels missen het roest op de poten en zijn bruin gevlekt op buik en flanken; het vrouwtje is groter dan het mannetje.

Verwarrings­soorten

De lichte roodstaartbuizerd heeft een donkere band over de buik, een roodbruine staart en kortere, ronder afgesneden vleugels, en zijn poten zijn onbevederd en geel. De ruigpootbuizerd heeft eveneens bevederde poten, maar is kleiner, met een zwarte buikvlek, zwarte polsvlekken en een witte staartbasis met donkere eindband. Een donkere rosse ruigpootbuizerd lijkt op afstand op een jonge steenarend; die is groter, heeft een langere staart en een kleinere kop en houdt de vleugels vlakker en stijver. Ook bij donkere vogels blijven de witte staart en de lichte vleugelvensters het houvast.

Leefgebied

Open, droge vlakten op lage tot middelhoge hoogte: kortgrasprairie, sagebrush (grijsgroen alsemstruweel van het droge westelijke binnenland)-steppe, halfwoestijn en extensief begraasd rangeland. Voor het nest heeft hij iets verhoogds nodig — een klif, een rotsuitsteeksel, een alleenstaande boom of een elektriciteitsmast — maar zonodig nestelt hij ook op een helling op de grond. Bos, hoge bebouwing en intensief akkerland mijdt hij. In de winter zoeken westelijke vogels grasland en woestijn met veel konijnen, oostelijke vogels grasland met prairiehondenkolonies.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.

Verspreiding en trek

Broedvogel van het binnenland van Noord-Amerika: van de Canadese prairieprovincies zuidwaarts door de Great Plains en het Grote Bekken tot in Noord-Mexico. De noordelijke broedvogels trekken weg, terwijl in het zuidwesten van de Verenigde Staten een deel het hele jaar blijft; het winterareaal reikt tot Chihuahua, Coahuila en Nuevo León. De verplaatsingen liggen niet vast: bij veel prooi blijven vogels ter plaatse, en stort de stand van konijnen of grondeekhoorns in, dan verschuiven grote aantallen naar elders, zodat een streek van jaar tot jaar vol of leeg kan zijn. In het oosten van het areaal is hij achteruitgegaan met het opbreken van de prairie en het bestrijden van prairiehonden.

  • Jaarrond
  • Broedvogel (zomer)
  • Winter
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
De kaart is een dichtheidsveld en geen ingetekende arealgrens: hij is opgebouwd uit de waarnemingen zelf en houdt zich daarom niet aan staats- of landsgrenzen. Zowel de seizoenskleur als de kleurdiepte komt per hokje uit de tellingen van GBIF (2006–2026), geteld per hokje van 0,7° en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. Elk hokje wordt afzonderlijk in juni–juli, december–januari en de trekmaanden geteld, en krijgt de kleur van het seizoen dat er wint; een hokje heet pas broedvogel of wintervogel als het andere seizoen er bijna leeg is. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Rijd in de winter langs de randen van een prairiehondenkolonie of een groot stuk kortgrasprairie en zoek laag: hij zit vaak op de grond, op een aardhoop of op een hekpaal, veel lager dan een roodstaartbuizerd zou kiezen. In de zweefvlucht is het beste kenmerk de donkere V die de roestbruine bevederde poten tegen de witte buik vormen. Bij harde wind hangt hij lang biddend boven één plek, met hangende poten.

Staat van instandhouding

De wereldpopulatie wordt op ongeveer 110.000 vogels geschat en nam tussen 1966 en 2019 met bijna één procent per jaar toe; de soort geldt als niet bedreigd (LC). Het omzetten van prairie in akkerland, begrazing, mijnbouw en bebouwing kosten hem nestplaatsen, en het systematisch bestrijden van prairiehonden neemt hem zijn belangrijkste wintervoedsel af. Aan het nest is hij gevoelig voor verstoring en verlaat hij een legsel eerder dan de meeste andere buizerds.

Wetenschappelijke naam

Buteo regalis | (Gray, 1844)

George Robert Gray beschreef de soort in 1844 als Archibuteo regalis, in een inmiddels opgeheven geslacht; omdat ze later naar Buteo is verplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Buteo werd in 1799 ingevoerd door Lacépède, naar het Latijnse buteo, de klassieke naam voor een buizerdachtige roofvogel. regalis is Latijn voor 'koninklijk', van rex, regis 'koning'. Het beschreven exemplaar kwam uit Real del Monte in Mexico. De Nederlandse naam wijst op de roestbruine kleur en op de bevederde poten die hij met de ruigpootbuizerd deelt.