Alle soorten › Zangvogels › Zwaluwen › Benguelazwaluw

Benguelazwaluw | Hirundo nigrorufa

Black-and-Rufous Swallow | Golondrina Rojinegra

De Benguelazwaluw is een opvallend tweekleurige zwaluw, glanzend blauwzwart van boven en diep roodbruin van onderen. Hij is beperkt tot de graslandvlakten (dambo's) in het miombogebied van centraal Angola, Noordwest-Zambia en het aangrenzende zuiden van Congo-Kinshasa.

Benguelazwaluw (Hirundo nigrorufa)
Foto: Nik Borrow — CC BY-NC 4.0 · iNaturalist

Geluid

Een zacht, kort tsjip en een fijn, kwetterend getjilp in de vlucht; weinig bekend en niet luid.

Luister: VluchtroepXC585233

Opname: Dries Van de Loock — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

15 cm, met een matig diep gevorkte staart en korte, smalle staartspelden. De bovendelen, inclusief kruin, wangen en stuit, zijn glanzend donker staalblauw. De hele onderzijde, van de keel tot de onderstaartdekveren, is egaal diep roestrood tot kastanjebruin, zonder borstband. De ondervleugeldekveren zijn roodbruin. De seksen zijn vrijwel gelijk; het vrouwtje heeft kortere staartspelden, jonge vogels zijn doffer en bleker oranjebruin van onderen. De vlucht is laag en licht, vaak vlak boven het gras.

Verwarrings­soorten

De roodborstzwaluw Cecropis semirufa is groter, heeft een roodbruine stuit, rode wangen en veel langere staartspelden, en vliegt trager en zwevender. De Angolese zwaluw Hirundo angolensis heeft een roodbruine keel met een onvolledige zwarte borstband en een vuilgrijze buik. De boerenzwaluw Hirundo rustica heeft een donkere borstband en een witte tot roomkleurige buik, al kunnen sommige vogels warm getint zijn. De moskeezwaluw Cecropis senegalensis is veel groter, met een roodbruine stuit en een witte keel.

Leefgebied

Open, grazige dambo's, overstromingsvlakten en vleien in het miombogebied, meestal op de hoogvlakte en vaak bij stromend water. Broedt in duikers onder wegen, in kokers, onder kleine bruggen en in holen of oude putten, waar hij een open modderen schaal tegen het plafond bouwt. Jaagt laag over het gras op kleine insecten, vaak alleen of in paren.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van zuidelijk Afrika.

Verspreiding en trek

Binnen het gebied in het centrale hoogland van Angola (vooral Bié, Huambo, Moxico en de Lunda-provincies) en in het noordwesten van Zambia (Mwinilunga en omgeving, en de westelijke dambo's); daarbuiten alleen in het zuiden van Congo-Kinshasa (Katanga). Vrijwel een standvogel, met kleine seizoensbewegingen.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-09-01 – 2026-08-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Het gemakkelijkst te vinden in de dambo's rond Mwinilunga in Noordwest-Zambia of op de hoogvlakte van Angola; controleer duikers en kleine bruggen over dambo-beekjes. Een zwaluw die laag boven de dambo scheert en van onderen geheel rood is zonder rode stuit, is vrijwel zeker deze soort.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Het areaal is klein maar grotendeels dunbevolkt; plaatselijke druk komt van het afbranden en omploegen van dambo's en van het dichtstoppen van duikers bij wegenonderhoud.

Wetenschappelijke naam

Hirundo nigrorufa | Bocage, 1877

Bocage beschreef de soort in 1877 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Hirundo werd in 1758 ingevoerd door Linnaeus. Hirundo is het gewone Latijnse woord voor 'zwaluw'. nigrorufa komt van het Latijnse niger, 'zwart', en rufus, 'rood' — naar de donkerblauwe bovendelen en roodbruine onderdelen. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Caconda, Angola.