Alle soorten › Zangvogels › Buulbuuls › Witoorbuulbuul
Witoorbuulbuul | Pycnonotus leucotis
White-eared bulbul | Bulbul orejiblanco
De witoorbuulbuul is de tuinvogel van de Golf: in Koeweit, Basra en de Iraanse kustvlakte zit hij op elk hek en in elke dadelpalm. Hij hoort in de zuidoosthoek van het kaartgebied thuis en is daarmee de enige buulbuul die het Midden-Oosten van nature aan de gids toevoegt.
Geluid
Meer kwetteren dan zingen: een kort, wat nasaal en snel herhaald witsjie-joe of kwitsjer-wiet, waarbij de derde of vierde noot opvallend hoog uitschiet. Daarnaast een reeks korte, blikkerige contactroepjes tussen de leden van een groepje. De soort bootst geluiden van andere vogels na en is daar plaatselijk om bekend. Het meest te horen in de vroege ochtend en het laatste uur voor het donker, jaarrond.
Voor deze soort is nog geen vrij gelicentieerde opname beschikbaar.
Herkenning
Een kleine, compacte buulbuul met een korte hals en een middellange staart. De kop is diepzwart en glanzend, van de snavelbasis over kruin, wangen en keel tot een scherpe grens op de bovenborst. Daarin staat als een lamp de grote, ovale, zuiver witte oorvlek — het kenmerk waar alles op berust. De bovendelen zijn effen grijsbruin, de onderdelen vaal beigegrijs, en onder de staart zit een felgele vlek die bij het wegvliegen oplicht. De staart is donkerbruin tot zwart met witte punten aan de buitenste veren. De snavel is kort en zwart, het oog donker met een smalle, kale grijze ring. Man en vrouw zijn gelijk. Jonge vogels hebben een bruine in plaats van zwarte kop, een vuilere oorvlek en een veel bleker geel onder de staart. Een kuif ontbreekt; hooguit worden de kruinveertjes even opgezet.
Verwarringssoorten
In het overlappingsgebied in Zuidwest-Iran en Zuid-Irak is de Arabische buulbuul de enige echte valkuil: die is groter en langer gestaart, heeft een donkerbruine in plaats van zwarte kop, mist de witte oorvlek volledig en heeft in plaats daarvan een dunne witte ring rond het oog. Beide soorten hebben gele onderstaartdekveren, dus daar kun je niet op afgaan — kijk naar de wang. Verder naar het oosten, in Pakistan en Noord-India, volgt de Himalayabuulbuul, met een puntige bruine kuif en een vuilwitte in plaats van sneeuwwitte wangvlek. De roodoorbuulbuul heeft altijd een hoge zwarte kuif, een rode wangvlek en rode onderstaartdekveren.
Leefgebied
Struiken, tuinen en boomgroepen in een verder droog land: stadstuinen en parken, dadelpalmtuinen, citrus- en granaatappelaanplant, tamarisk- en oleanderstruweel langs kanalen en rivieren, akkerranden en de rietzomen van de Mesopotamische moerassen. Ook in halfwoestijn, mits er water en struikgewas is, en in de mangrove langs de Golfkust. Voedsel: vruchten, bloesem, nectar en insecten, waarbij de vogels graag hoog en zichtbaar zitten. Het nest is een kom van twijgen en plantenvezels in een struik of dadelpalm op één tot drie meter, ook wel in een schuur of onder een afdak.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens EUNIS — de Europese standaard voor leefgebieden.
Verspreiding en trek
Het kerngebied is het stroomgebied van Eufraat en Tigris — Zuid- en Midden-Irak, Koeweit, Bahrein — plus de Iraanse Golfkust en Zuidwest-Iran; van daaruit loopt het areaal verder oostwaarts door Zuid-Afghanistan, Pakistan tot Noordwest-India, dus voor een flink deel buiten het kaartgebied. Koeweit werd pas na het midden van de jaren vijftig gekoloniseerd, en de soort is er nu een van de gewoonste tuinvogels. In Saoedi-Arabië, Qatar, de Emiraten en Oman gaan populaties terug op ontsnapte vogels; waarnemingen in Israël en Jordanië betreffen vermoedelijk eveneens ontsnapte kooivogels.
- Jaarrond
- Winter
- Doortrek
- Trekrichting
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
Elk stadspark of hotelperceel in Koeweit-Stad, Basra of Bandar Abbas levert de soort binnen een kwartier op; let op groepjes van vijf tot dertig vogels die luid kwetterend van struik naar struik trekken. Voor een goede foto helpt het om bij een druppelirrigatie of een tuinfontein te wachten: buulbuuls komen daar in de middaghitte drinken en baden, en dan zie je de witte oorvlek en de gele onderstaart in één beeld.
Staat van instandhouding
Wereldwijd niet bedreigd (IUCN: Least Concern) en in de Golf duidelijk in opmars, geholpen door beplanting, irrigatie en stadsgroen. Tegelijk wordt de soort in Irak en Koeweit veel gevangen voor de kooivogelhandel, en die vangst plus het verdwijnen van tuinen en struweel drukt de aantallen plaatselijk. In de Mesopotamische moerassen hangt hij, zoals alles daar, af van het waterpeil en van de rietzomen die na de herinundatie zijn teruggekomen.




