Alle soorten › Stormvogelachtigen › Noordelijke stormvogeltjes › Zwart stormvogeltje
Zwart stormvogeltje | Hydrobates melania
Black Storm-Petrel | Paíño negro
Het zwart stormvogeltje is de grootste van de donkere stormvogeltjes voor de kust van Californië en Mexico: geheel roetzwart, met een lange, diep gevorkte staart. Hij broedt in rotsspleten op eilanden bij Neder-Californië en, in klein aantal, op Santa Barbara Island voor Zuid-Californië. In de late zomer en herfst trekt hij noordwaarts naar warmer water, tot in Monterey Bay.
Geluid
Aan de kolonie, die hij uitsluitend 's nachts bezoekt, laat hij een luid, herhaald tuk-a-roe horen vanuit de broedholte of rotsspleet. Op zee is hij vrijwel stil. De roep draagt ver over het eilandoppervlak en is voor onderzoekers vaak het enige bewijs van een kolonie, omdat de vogels zelf diep weggedoken in spleten en holen broeden. Overdag is er op de broedeilanden dan ook niets van hem te zien of te horen.
Voor deze soort is nog geen opname met een geschikte Creative Commons-licentie gevonden; hieronder staat wel waar je op moet letten.
Herkenning
Een middelgrote, geheel zwartbruine stormvogel zonder enige lichte tekening op stuit of vleugel. De staart is lang en diep gevorkt, dieper dan bij de verwante donkere soorten waarmee hij samen voorkomt. In de vlucht valt de trage, diepe vleugelslag op, laag boven de golven, anders dan het gefladder van kleinere soorten. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk van kleur, en juveniele vogels verschillen nauwelijks van de volwassen vogel.
Verwarringssoorten
Het Californisch stormvogeltje is kleiner, met een minder diep gevorkte staart en een lichter, meer fladderende vlucht met ondiepere vleugelslag. Het dwergstormvogeltje is aanzienlijk kleiner, met een korte wigvormige staart en een snelle, laag over het water schietende vlucht die aan een vleermuis doet denken. Beide zijn, net als het zwart stormvogeltje, geheel donker; het vaal stormvogeltje daarentegen heeft een witte stuit en een springerige, onregelmatige vlucht die hem meteen onderscheidt.
Leefgebied
Buiten het broedseizoen brengt hij zijn hele leven op open zee door, meestal boven productief water van de Californiastroom, waar planktonkreeftjes en larven van langoesten opdrijven. Hij komt dichter bij de kust dan de meeste stormvogeltjes en is in Zuid-Californië en Mexico soms zelfs vanaf het strand te zien. Voor het broeden zoekt hij onbewoonde, roofdiervrije eilanden met rotsspleten of losse steenstapelingen om in weg te kruipen; zachte, begroeide grond mijdt hij.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.
Verspreiding en trek
Hij broedt op eilanden voor de Mexicaanse Pacifische kust en in de Golf van Californië, met een klein aantal paren op Santa Barbara Island, sinds de eerste vondst daar in 1976 de enige bekende broedplaats in de Verenigde Staten. Na het broedseizoen verspreidt hij zich noordwaarts; in jaren met warm water is hij dan talrijk in Monterey Bay, in koudere jaren veel schaarser. De meeste vogels verdwijnen na oktober naar overwinteringsgebieden voor de kust van Midden-Amerika en het noordwesten van Zuid-Amerika.
- Jaarrond
- Broedvogel (zomer)
- Winter
- Doortrek
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
Ga in augustus of september mee op een boottocht vanaf Monterey of San Diego: dan is de kans op het zwart stormvogeltje het grootst, vooral in jaren met warm zeewater. Let op de trage, diepe vleugelslag laag boven de golven, die hem al op afstand onderscheidt van de kleinere, fladderende soorten waarmee hij vaak samen voorkomt.
Staat van instandhouding
De IUCN beoordeelt het zwart stormvogeltje als niet bedreigd (LC). Een deel van de broedeilanden in Mexico was tot voor kort belast met ingevoerde ratten en katten, die eieren en jongen roofden; op de belangrijkste eilanden zijn die inmiddels verwijderd. Verstoring door licht van vissersschepen en olievervuiling op zee blijven aandachtspunten.
Wetenschappelijke naam
Hydrobates melania | (Bonaparte, 1854)
Bonaparte beschreef de soort in 1854 als Procellaria melania; sindsdien is ze in een ander geslacht geplaatst, vandaar de haakjes om auteur en jaartal. Het geslacht Hydrobates omvat sinds een herziening van de stormvogeltjes ook de soorten die lang als Oceanodroma bekendstonden. melania komt van het Griekse woord voor 'zwart', naar het geheel donkere verenkleed. De typelocatie is de kust van Californië.


