Alle soorten › Duifachtigen › Duiven

Duiven | Columbidae

Pigeons and doves | Palomas

De familie loopt hier uiteen van kleine bosduifjes met metaalglanzende vlekken op de vleugel en langstaartige woestijnsoorten tot forse rots- en bergduiven en groene vruchtenduiven die in vijgenbomen klauteren en daar met de kop omlaag aan de trossen hangen. Het nest is een losse, vaak doorschijnende schotel van twijgen in een struik, op een richel of in een boomvork, met vrijwel altijd twee witte eieren; beide ouders broeden en voeren de jongen de eerste dagen uitsluitend kropmelk, zodat er ook buiten de regentijd wordt gebroed en legsels elkaar snel opvolgen. De roep is een dof koeren met gesloten snavel en opgeblazen keel, per soort in een vast ritme: een aanhoudend driedelig motief, een reeks die versnelt en in toonhoogte wegzakt, of een korte, hard herhaalde frase. Veel soorten hebben een baltsvlucht waarin steil wordt opgestegen met klappende vleugels, gevolgd door een glijvlucht op geheven vleugels en gespreide staart. Zaadetende soorten foerageren op de grond en verzamelen zich in troepen bij drinkplaatsen; de vruchtenduiven blijven in het kronendak en verplaatsen zich met de vruchtdracht mee.

Inheemse soorten 16 soorten

Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.

Columba 5 soorten

Aplopelia 1 soort

Streptopelia 4 soorten

Spilopelia 1 soort

Turtur 3 soorten

Oena 1 soort

Treron 1 soort

Exoten 1 soort

Soorten die hier van nature niet voorkomen maar zijn ingevoerd of ontsnapt en zich sindsdien handhaven. Ze staan op volgorde van de lijst, niet per geslacht.