Alle soortenSteltloperachtigenStrandlopers en snippen › Grutto

Grutto

Limosa limosa | Black-tailed Godwit | Aguja colinegra

De grutto is de nationale vogel van Nederland en de weidevogel bij uitstek: lange snavel, lange poten en een luide, roepende baltsvlucht boven kruidenrijk gras. Een groot deel van de wereldpopulatie broedt in Nederlandse polders.

Grutto (Limosa limosa)
Foto: Andreas Trepte — CC BY-SA 2.5 · Wikimedia Commons

Geluid

Een luid, nasaal grutto grutto in de baltsvlucht, waaraan de Nederlandse naam is ontleend, en een geagiteerd wieta-wieta bij alarm boven een nest. Vooral van maart tot juni; in de overwinteringsgebieden roepen groepen een kort, zacht kwet.

Luister: ZangXC466468

Opname: Pascal Christe — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Herkenning

Slanke, hoogpotige steltloper met een zeer lange, rechte tot licht opgewipte snavel met roze basis. In vlucht onmiskenbaar: brede witte vleugelstreep, witte stuit, zwarte staartband en ver uitstekende poten. In zomerkleed roestoranje kop, hals en borst met zwart gebandeerde flanken; vrouwtjes zijn groter, langsnaveliger en doffer. Winterkleed effen grijsbruin.

Verwarrings­soorten

Rosse grutto heeft een opgewipte snavel, kortere poten, geen witte vleugelstreep en een gebandeerde staart, met in vlucht een witte wig op de rug. IJslandse grutto, ondersoort islandica, is korter van snavel en poot en dieper roodbruin tot op de buik; die zie je vooral aan de kust. Wulp heeft een gebogen snavel.

Leefgebied

Vochtig, kruidenrijk grasland met een hoog waterpeil en een open horizon, inclusief plas-drasgebieden die daarvoor het hele voorjaar nat worden gehouden. Buiten de broedtijd op slikken, kwelders, rijstvelden en ondiepe brakke lagunes, waar hij tot de snavelbasis in het slik prikt.

Verspreiding en trek

Broedvogel van West-Europa tot in Rusland, met het zwaartepunt in het Nederlandse veenweidegebied. Nederlandse gruttos verzamelen zich in februari en opnieuw in juli en augustus in Iberië: de rijstvelden van Extremadura en de Doñana-marismas zijn onmisbare tussenstops op weg naar en van West-Afrika.

  • Jaarrond
  • Broedvogel (zomer)
  • Winter
  • Doortrek
  • Trekrichting
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2024-08-01 – 2026-07-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Half maart tot mei, kort na zonsopgang langs een plas-drasgebied in Friesland of het Groene Hart; let op de zangvlucht met wiegende vleugelslag. In Spanje: januari en februari bij de rijstvelden van Extremadura, wanneer de teruggekeerde vogels zich verzamelen voor de sprong naar het noorden.

Staat van instandhouding

Wereldwijd Gevoelig (IUCN: Near Threatened) en in Nederland sterk achteruit. Ontwatering, vroeg en frequent maaien, eentonig raaigras en predatie zorgen ervoor dat te weinig jongen vliegvlug worden. Herstel hangt af van nat, kruidenrijk grasland met uitgesteld maaibeheer en van bescherming van de Iberische tussenstops.