Alle soortenZangvogelsRietzangers › Indische karekiet

Indische karekiet | Acrocephalus stentoreus

Clamorous reed warbler | Carricero estentóreo

In het riet langs de Jordaan en in de Egyptische Nijldelta staat het hele jaar door een luide, krassende karekiet te zingen. In januari kan dat geen grote karekiet zijn: die zit dan in Afrika. Dit is de standvogel die zijn plaats inneemt, en die met wat geduld ook aan zijn snavel en vleugel te herkennen is.

Indische karekiet (Acrocephalus stentoreus)
Foto: Morhaf kamal aljanee — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een luide, harde, krassende zang die uit korte, snel herhaalde motieven is opgebouwd en meer klettert dan hakkelt: kre-kre-kre-tjak-tjak-tsjirr, in een vlak, doorlopend tempo zonder de diepe en schelle uitersten van de grote karekiet. Hij zingt vanaf februari tot in juni, vanaf een rietpluim of half verscholen in de stengels, ook in het donker; buiten de broedtijd hoor je vooral de roepen. Roep: een diep, keelachtig tsjerr en een hard tsjak, dat bij onraad in een ratel overgaat.

Voor deze soort is nog geen vrij gelicentieerde opname beschikbaar.

Herkenning

Een forse karekiet, in lengte gelijk aan de grote karekiet maar slanker gebouwd en met een langere, duidelijk getrapte staart. De snavel is opvallend lang en dun en loopt geleidelijk toe, met een vlak, laag aflopend voorhoofd erboven, zodat kop en snavel één lange, spitse lijn vormen. Bovendelen dof olijf- tot grijsbruin, kouder en valer dan bij de grote karekiet. Onderdelen vuilwit met okergele flanken en onderstaartdekveren. De wenkbrauwstreep is smal, kort en flauw en steekt nauwelijks af. De vleugel is rond met een korte handpenprojectie — hij hoeft nergens heen. Poten stevig, grijsbruin. Geslachten gelijk.

Verwarrings­soorten

De grote karekiet is de enige echte verwarring en de twee zitten in Israël in hetzelfde riet. Vier dingen helpen. Snavel: bij de indische karekiet lang, dun en gelijkmatig toelopend, bij de grote karekiet korter en met een merkbaar bredere, diepere basis. Vleugel: de indische karekiet is standvogel en heeft een korte handpenprojectie, ruwweg de helft van het zichtbare deel van de armpennen, met veel dicht opeen liggende handpentoppen en een ronde vleugelpunt; de grote karekiet is langeafstandstrekker en heeft een lange projectie en een spitse punt. Wenkbrauwstreep: bij de indische karekiet smal, kort en zonder contrast; bij de grote karekiet breder en duidelijk voor en boven het oog, met een donkerder oogstreep eronder. Zang: die van de indische karekiet is sneller, gelijkmatiger en meer babbelend, zonder de diepe kikkertonen en de schelle uitschieters. En het simpelste van alles: de datum. Van oktober tot maart zit hier alleen de indische karekiet.

Leefgebied

Riet en lisdodde in het water: de oevers van de Jordaan en het Meer van Galilea, de rietkragen van de Hoela, de visvijvers van de Bet She'an-vallei, irrigatiereservoirs, kustbeken en, in Egypte, de kanalen en rijstvelden van de delta en de oevers van het Birket Qarun in de Fayoem. Hij houdt van hoog, dicht, overjarig riet met een natte voet en gaat in de winter ook in tamarisken en tuinstruweel langs het water. Het nest is een diepe korf tussen verticale stengels, laag boven het water.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens EUNIS — de Europese standaard voor leefgebieden.

Verspreiding en trek

Van de Nijldelta en de Levant oostwaarts door Iran en Centraal-Azië tot India, Zuidoost-Azië en Australië — een van de wijdst verbreide karekieten ter wereld. Binnen het kaartvenster van deze gids zit hij alleen in Egypte, de Sinaï, Israël, de Palestijnse gebieden en het westen van Jordanië; de vogels daar horen tot de standvorm levantinus en trekken niet weg. In Europa is hij nooit vastgesteld.

  • Jaarrond
  • Broedvogel (zomer)
  • Doortrek
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-09-01 – 2026-08-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Februari en maart, langs de Jordaan onder het Meer van Galilea of bij de visvijvers van Kfar Ruppin: hij is dan de enige grote karekiet die zingt, want de echte grote karekiet komt pas half april terug. Ga op een dijkje staan waar het riet hoog en oud is en wacht tot de zanger in een pluim klimt; dan zie je in één blik de lange dunne snavel en het lage voorhoofd. In Egypte volstaat een ochtend langs een kanaal in de delta.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd (LC) en over zijn hele areaal talrijk. In de Levant en Egypte profiteert hij van visvijvers, irrigatiereservoirs en de rietkragen die daaromheen opschieten, zodat het aantal broedplaatsen eerder is toegenomen. Wat hem plaatselijk kost zijn het jaarlijks schonen en uitbaggeren van irrigatiekanalen, het wegbranden van riet en de wateronttrekking die de Jordaan en zijn zijbeken in de zomer laat droogvallen.