Alle soorten › Stormvogelachtigen › Noordelijke stormvogeltjes › Monteiro's stormvogeltje
Monteiro's stormvogeltje | Hydrobates monteiroi
Monteiro's storm petrel | Paíño de Monteiro
Monteiro's stormvogeltje broedt op twee kale rotseilandjes voor Graciosa op de Azoren en verder nergens ter wereld. Het is een klein donker stormvogeltje met een witte stuitband dat op zee nauwelijks van zijn buurman te scheiden is, en dat pas in 2008 als aparte soort is beschreven — niet op verenkleed, maar omdat op dezelfde rotsen twee groepen bleken te broeden die elkaar een half jaar mislopen.
Van deze soort bestaat geen vrij gelicentieerde foto van een levende wilde vogel.
Geluid
Op zee zwijgzaam; alles gebeurt 's nachts boven de kolonie. De vluchtroep is een raspend, ritmisch geratel dat op dat van het madeirastormvogeltje lijkt maar hoger en korter klinkt, en juist dát verschil bracht Luís Monteiro er in de jaren negentig toe de twee groepen apart te gaan tellen. Uit de spleet komt een keelachtig snorren, onderbroken door korte, harde wikka-noten. Op het Ilhéu da Praia klinkt dat koor van eind april tot in augustus, en op een donkere nacht zonder maan zit je er middenin.
Voor deze soort is nog geen vrij gelicentieerde opname beschikbaar.
Herkenning
Een stormvogeltje van het formaat van een vaal stormvogeltje: zwartbruin, met lange, licht gebogen vleugels en een smalle witte band dwars over de stuit die niet ver op de flanken doorloopt. De staart is ondiep gevorkt en oogt op zee bijna recht. De lichte baan over de grote dekveren van de bovenvleugel is dof grijsbruin, de ondervleugel is egaal donker en de poten steken niet voorbij de staart uit. Het vliegbeeld is gestaag en kalm, met lange lage glijvluchten en soepel overhellen, meer een pijlstormvogel in het klein dan een fladderende vleermuis. Eén ding is in het veld wel bruikbaar: in juli, augustus en september ruit deze soort de handpennen en de staart, zodat de vleugel gaten vertoont en de staart kort en rafelig oogt, terwijl het madeirastormvogeltje in diezelfde wateren dan juist gaaf is.
Verwarringssoorten
Het madeirastormvogeltje is de soort waar het om draait, en er is geen enkel kenmerk van verenkleed dat de twee op zee met zekerheid scheidt: dezelfde maat, dezelfde stuitband, dezelfde vlucht. Wat wél helpt zijn de datum en de rui. Bij Graciosa broedt monteiro's in de zomer en het madeirastormvogeltje in de herfst en de vroege winter, zodat een vogel die in juni of juli bij de eilandjes rondhangt vrijwel zeker monteiro's is en een vogel in november vrijwel zeker de ander; en in de zomer is monteiro's in volle slagpenrui, waar het madeirastormvogeltje dat niet is. Buiten dat venster is elke vogel naamloos. Het stormvogeltje is kleiner en kortvleugeliger, fladdert door de golfdalen, heeft een brede vierkante witte stuit tot op de flanken en een witte streep over de ondervleugel. Vaal stormvogeltje heeft een hoekiger, geknikte vleugel, een duidelijke bleke diagonale baan over de bovenvleugel, een V-vormige stuitvlek met een donkere middenlijn, een gevorkte staart en een verende, zwenkende vlucht.
Leefgebied
Buiten de kolonie pelagisch, boven diep water rond de Azoren, waar hij zwevend en trippelend kleine kreeftachtigen, visbroed en olieachtige resten van het oppervlak pikt. Broedt in spleten, holtes onder rotsblokken en in het puin van kale, lage rotseilandjes zonder ratten en katten, en bezoekt de kolonie uitsluitend in het donker. Op het Ilhéu da Praia zijn bovendien kunstmatige nestkamers ingegraven, die inmiddels door een flink deel van de kolonie worden gebruikt.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens EUNIS — de Europese standaard voor leefgebieden.
Verspreiding en trek
Endemisch op de Azoren. Het zwaartepunt ligt op het Ilhéu da Praia en het Ilhéu de Baixo voor de kust van Graciosa; daarnaast broeden kleine aantallen op eilandjes bij São Jorge en Flores, en wordt broeden bij Corvo vermoed. De hele wereldpopulatie telt naar schatting drie- tot vijfhonderd paren. Waar de vogels buiten de broedtijd zitten is nog maar deels bekend: zenders wijzen op de open Atlantische Oceaan ten zuiden en zuidwesten van de archipel. Op het Europese vasteland is de soort niet vastgesteld, en dat is voor een deel simpelweg omdat niemand hem op zee zou kunnen benoemen.
- Broedvogel (zomer)
Waar en wanneer kijken
Er is maar één plek: Graciosa. Boek in juni of juli een avondtocht vanuit Praia da Graciosa naar het Ilhéu da Praia — landen mag alleen met vergunning van het natuurpark, maar vanaf de boot zie je bij het invallen van het donker de eerste vogels binnenkomen en hoor je het koor over het water. Overdag levert een pelagische tocht met chum bij Graciosa of Pico de beste zichtwaarnemingen op; neem er de tijd voor en let op de rui van hand en staart, want dat is in de zomer het enige waarmee je een vogel op naam kunt brengen. Verwacht op de Azoren geen zekerheid van iemand die alleen een silhouet zag.
Staat van instandhouding
Kwetsbaar (IUCN: Vulnerable). Drie- tot vijfhonderd paren op een handjevol eilandjes is per definitie een wankele situatie: één rat, kat of fret die op zo'n eilandje aanspoelt of wordt meegebracht kan de kolonie in enkele jaren opruimen. Op het Ilhéu da Praia is de kolonie na het verwijderen van de konijnen, het herstel van de begroeiing en het ingraven van kunstmatige nestkamers duidelijk gegroeid, en dat is het schoolvoorbeeld waarnaar op de Azoren steeds wordt verwezen. Daarnaast spelen predatie door meeuwen en kerkuilen mee, en lichtvervuiling op de bewoonde eilanden, die jonge vogels bij hun eerste vlucht naar de haven trekt.


