Alle soortenZangvogelsKraaiachtigen › Waaierstaartraaf

Waaierstaartraaf | Corvus rhipidurus

Fan-tailed raven | Cuervo colicorto

Een kraaiachtige die je op silhouet herkent en verder nergens mee kunt verwarren. De waaierstaartraaf heeft een staart die zo kort is dat hij in de vlucht bijna verdwijnt, en vleugels die zo breed zijn dat de vogel boven de kliffen van de Dode Zee als een kleine gier op de thermiek hangt. Wie bij Masada omhoogkijkt en denkt dat er een roofvogel zeilt, kijkt vaak naar deze raaf.

Waaierstaartraaf (Corvus rhipidurus)
Foto: Uzi Paz — CC BY 2.5 · Wikimedia Commons

Geluid

Schraal en niet erg gevarieerd. De roep is een hoog, hees en nasaal kraah of aaark, korter afgebeten dan bij de bruinnekraaf en zonder enige diepte, vaak in serie vanaf een rotsrand of tijdens het zeilen. Daarnaast een droog geratel en, bij het nest, een zacht keelgeluid. Rond hotels, uitkijkpunten en parkeerterreinen zijn de vogels de hele dag te horen; een groep die boven een klif ruziet, levert een aanhoudend hoog gekras dat langs de wanden weerkaatst.

Voor deze soort is nog geen vrij gelicentieerde opname beschikbaar.

Herkenning

Zwaar gebouwd, breed van vleugel en opvallend kort van achteren: 46 tot 47 centimeter, waarvan de staart maar een klein deel uitmaakt. Bij een zittende vogel reiken de gevouwen vleugelpunten tot voorbij het uiteinde van de staart of steken er zelfs overheen, zodat de vogel achter zijn vleugels lijkt op te houden. In de vlucht is de omtrek even breed als kort: enorme, aan de punt gevingerde vleugels, een dikke kop met een zware, sterk gebogen snavel die ver naar voren steekt, en daartussen een korte staart die bij het zeilen tot een halve waaier wordt opengespreid. Het verenkleed is glanzend zwart met een paarse en bronzen glans; de keelveren zijn kort. Jonge vogels zijn doffer en bruiniger, met een kortere snavel. Man en vrouw zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

De bruinnekraaf zit in hetzelfde land en is de enige echte vergelijking: die is slanker, smaller van vleugel en heeft een staart die duidelijk voorbij de vleugelpunten uitsteekt, zowel zittend als in de lucht, waar de omtrek daardoor langgerekt oogt in plaats van breed en gedrongen. De raaf, in het Midden-Oosten een vogel van de bergen en de woestijnranden, is een maat groter en heeft juist een lange, spits wigvormige staart. Op de rotswanden van de Dode Zee loopt daarnaast Tristrams spreeuw rond, die op afstand ook zwart en breedgevleugeld oogt, maar veel kleiner is, in de vlucht oranje vleugelvelden laat zien en heldere fluittonen geeft in plaats van een krassende roep.

Leefgebied

Rotswanden zijn de kern: kloven, canyons, steilranden en verlaten steengroeven in warme woestijngebergten, met daaromheen de kale grind- en zandvlakten waar hij op voedsel zoekt. Hij nestelt en slaapt op richels in die wanden, vaak in losse kolonies. Daarnaast is hij een uitgesproken profiteur van mensen: hij foerageert op vuilstorten, bij bedoeïenenkampen, op parkeerterreinen bij toeristenplekken, rond hotels en langs wegen, en pikt bij dadelplantages en visvijvers mee. Het is een groepsvogel — buiten het nest zie je hem zelden alleen.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens EUNIS — de Europese standaard voor leefgebieden.

Verspreiding en trek

In het gebied van deze gids beperkt tot het uiterste zuidoosten: de Judeese woestijn en de kliffen langs de Dode Zee, de Negev en de Arava tot in Eilat, en aan de overkant Jordanië, met Wadi Rum, Dana en de rotswanden van Petra. Verder de Sinaï en de Rode Zee-gebergten van Oost-Egypte. Buiten het gidsgebied loopt zijn areaal door over Arabië en Noordoost-Afrika tot in de bergmassieven midden in de Sahara. Standvogel, maar met dagelijkse vluchten van tientallen kilometers tussen slaapklif en voedselplek, en buiten de broedtijd in troepen die tot honderden vogels kunnen tellen.

  • Jaarrond
  • Winter
  • Trekrichting
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-09-01 – 2026-08-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Israël en Jordanië, en het liefst midden op de dag — anders dan bij de meeste vogels. Zodra de zon de wanden opwarmt komen de thermiekbellen op gang en gaan de vogels zeilen, en juist dan zie je de vorm waar het om gaat: breed, kort en met die halve waaier van een staart. Masada, Ein Gedi, de weg langs de Dode Zee, het bezoekerscentrum van Petra en de vuilstort bij Eilat zijn vaste plekken. Op parkeerterreinen komen ze tot op een paar meter, zodat je de zware snavel en de korte staart rustig kunt bekijken.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd (IUCN: Least Concern), met een groot areaal en op veel plaatsen toenemende aantallen. Toerisme, afval en irrigatie in de woestijn hebben hem geen kwaad gedaan: rond bezoekerscentra en hotels in Israël en Jordanië is hij talrijker dan ooit. Net als bij andere woestijnkraaiachtigen roept die toename vragen op over de druk op kleinere woestijnvogels rond dezelfde kliffen. Directe bedreigingen zijn er nauwelijks; plaatselijk gaat het om verstoring van broedkolonies in kloven die als klim- of wandelgebied in gebruik zijn genomen.