Alle soorten › Steltloperachtigen › Meeuwen, sterns en schaarbekken › Sterns vergelijken
Sterns vergelijken
Alle sterns van de gids naast elkaar, voor in het veld. Kies wat je ziet (snavel, poten, kop, staart, mantel, onderzijde) en de tabel houdt over wat past.
Grootte
Poten
Kop in broedkleed
Kop in winterkleed
Staart
Mantel
Onderzijde
Waar
Schuif de tabel opzij om alle kolommen te zien.
| Soort | Grootte | Snavel | Poten | Kop in broedkleed | Kop in winterkleed | Staart | Mantel | Onderzijde | Waar | Waar let je op |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| AleoetensternOnychoprion aleuticus | middelgroot (30–40 cm) | zwart | zwart of donker | zwarte kap met wit voorhoofd | wit voorhoofd, zwart achterhoofd | gevorkt | middengrijs | lichtgrijs tot grijs | kust en open zee | Let op de grijze onderdelen die afsteken tegen de witte staart en de donkere streep langs de achterrand van de armvleugel. |
| Bonte sternOnychoprion fuscatus | groot (> 40 cm) | zwart | zwart of donker | zwarte kap met wit voorhoofd | nauwelijks verschil met broedkleed | lang en diep gevorkt | donkergrijs of zwartachtig | wit | kust en open zee | Let op de roetzwarte rug zonder lichte halskraag en de witte voorhoofdsvlek die boven het oog ophoudt; bij de brilstern loopt die erachter door. |
| FijisternOnychoprion lunatus | middelgroot (30–40 cm) | zwart | zwart of donker | zwarte kap met wit voorhoofd | nauwelijks verschil met broedkleed | lang en diep gevorkt | middengrijs | wit | kust en open zee | Let op de leigrijze, niet bruinzwarte rug zonder lichte halskraag, en de smalle witte wenkbrauw tot voorbij het oog. |
| BrilsternOnychoprion anaethetus | middelgroot (30–40 cm) | zwart | zwart of donker | zwarte kap met wit voorhoofd | nauwelijks verschil met broedkleed | lang en diep gevorkt | donkergrijs of zwartachtig | wit | kust en open zee | Let op de bruingrijze rug, lichter dan de zwarte kap, met een lichte halskraag en een witte wenkbrauw die tot achter het oog doorloopt. |
| Amerikaanse dwergsternSternula antillarum | klein (< 30 cm) | geel met zwarte punt | geel of oranjegeel | zwarte kap met wit voorhoofd | wit voorhoofd, zwart achterhoofd | gevorkt | lichtgrijs | wit | kust én binnenland | Let op de geringe grootte, de gele snavel met zwart puntje en de witte driehoek in de zwarte kap; vliegt met snelle, stijve slagen. |
| ReuzensternHydroprogne caspia | groot (> 40 cm) | rood of oranje met zwarte punt | zwart of donker | zwarte kap | nauwelijks verschil met broedkleed | kort, nauwelijks gevorkt | lichtgrijs | wit | kust én binnenland | Let op de dikke, felrode snavel en de donkere onderkant van de handpennen; de koningsstern heeft een slankere oranje snavel en lichte ondervleugel. |
| LachsternGelochelidon nilotica | middelgroot (30–40 cm) | zwart | zwart of donker | zwarte kap | witte kop met donkere oorvlek | kort, nauwelijks gevorkt | zeer lichtgrijs | wit | kust én binnenland | Let op de korte, dikke, geheel zwarte snavel zonder gele punt en de brede vleugels; jaagt vaak boven land en kwelder op insecten. |
| WitvleugelsternChlidonias leucopterus dwaalgast | klein (< 30 cm) | zwart | rood | kop en lichaam zwart | witte kop met donkere oorvlek | kort, nauwelijks gevorkt | donkergrijs of zwartachtig | zwart of zeer donker | binnenwater en moeras | Let op de witte voorvleugel, witte stuit en zwarte ondervleugeldekveren; bij de zwarte stern is de ondervleugel juist licht en de staart grijs. |
| Zwarte sternChlidonias niger | klein (< 30 cm) | zwart | zwart of donker | kop en lichaam zwart | wit voorhoofd, zwart achterhoofd | kort, nauwelijks gevorkt | middengrijs | zwart of zeer donker | binnenwater en moeras | Let op de leigrijze vleugels en staart met lichte ondervleugel en witte onderstaart; in winterkleed een donkere vlek opzij van de borst. |
| Grote sternThalasseus sandvicensis | middelgroot (30–40 cm) | zwart met gele punt | zwart of donker | zwarte kap met opvallende kuif | wit voorhoofd, zwart achterhoofd | gevorkt | zeer lichtgrijs | wit | kust en open zee | Let op de lange, dunne zwarte snavel met gele punt; de lachstern heeft een kortere, dikkere snavel die geheel zwart is. |
| Sierlijke sternThalasseus elegans | groot (> 40 cm) | oranje, zonder zwarte punt | zwart of donker | zwarte kap met opvallende kuif | wit voorhoofd, zwart achterhoofd | gevorkt | zeer lichtgrijs | wit met roze waas | kust en open zee | Let op de lange, dunne, iets doorbuigende snavel en de lange kuif; in winterkleed blijft het zwart rond het oog staan. |
| KoningssternThalasseus maximus | groot (> 40 cm) | oranje, zonder zwarte punt | zwart of donker | zwarte kap met opvallende kuif | wit voorhoofd, zwart achterhoofd | gevorkt | zeer lichtgrijs | wit | kust en open zee | Let op de dikke oranje dolksnavel en de lichte ondervleugel; de sierlijke stern heeft een langere, dunnere, licht gebogen snavel. |
| Forsters sternSterna forsteri | middelgroot (30–40 cm) | rood of oranje met zwarte punt | oranje | zwarte kap | zwart oogmasker op witte kop | lang en diep gevorkt | zeer lichtgrijs | wit | kust én binnenland | Let op de zilverwitte handpennen, lichter dan de rest van de vleugel, en in winterkleed het losse zwarte oogmasker op een witte kop. |
| Noordse sternSterna paradisaea | middelgroot (30–40 cm) | rood | rood | zwarte kap | wit voorhoofd, zwart achterhoofd | lang en diep gevorkt | lichtgrijs | lichtgrijs tot grijs | kust en open zee | Let op de bloedrode snavel zonder zwarte punt, de korte poten, het ronde kopje en de doorschijnende handpennen met smalle zwarte achterrand. |
| VisdiefSterna hirundo | middelgroot (30–40 cm) | rood of oranje met zwarte punt | rood | zwarte kap | wit voorhoofd, zwart achterhoofd | gevorkt | lichtgrijs | wit | kust én binnenland | Let op de donkere wig in de vleugelpunt, de oranjerode snavel met zwarte punt en een staart die in rust niet voorbij de vleugelpunten reikt. |
| Dougalls sternSterna dougallii | middelgroot (30–40 cm) | zwart met rode basis | rood | zwarte kap | wit voorhoofd, zwart achterhoofd | lang en diep gevorkt | zeer lichtgrijs | wit met roze waas | kust en open zee | Let op de zeer bleke bovenvleugel met alleen donkere buitenste handpennen, de vrijwel zwarte snavel en staartlinten ver voorbij de vleugelpunten. |
Geen soort past bij deze combinatie. Haal een filter weg.
De kenmerken gelden voor de volwassen vogel, in broedkleed en winterkleed waar dat verschilt. Jonge vogels zijn veel lastiger en horen niet in zo'n tabel; zie daarvoor de soortpagina's.