Alle soorten › Steltloperachtigen › Meeuwen, sterns en schaarbekken › Sterns vergelijken

Sterns vergelijken

Alle sterns van de gids naast elkaar, voor in het veld. Kies wat je ziet (snavel, poten, kop, staart, mantel, onderzijde) en de tabel houdt over wat past.

Grootte

Snavel

Poten

Kop in broedkleed

Kop in winterkleed

Staart

Mantel

Onderzijde

Waar

Toont 16 van 16

Schuif de tabel opzij om alle kolommen te zien.

SoortGrootteSnavelPotenKop in broedkleedKop in winterkleedStaartMantelOnderzijdeWaarWaar let je op
AleoetensternOnychoprion aleuticusmiddelgroot (30–40 cm)zwartzwart of donkerzwarte kap met wit voorhoofdwit voorhoofd, zwart achterhoofdgevorktmiddengrijslichtgrijs tot grijskust en open zeeLet op de grijze onderdelen die afsteken tegen de witte staart en de donkere streep langs de achterrand van de armvleugel.
Bonte sternOnychoprion fuscatusgroot (> 40 cm)zwartzwart of donkerzwarte kap met wit voorhoofdnauwelijks verschil met broedkleedlang en diep gevorktdonkergrijs of zwartachtigwitkust en open zeeLet op de roetzwarte rug zonder lichte halskraag en de witte voorhoofdsvlek die boven het oog ophoudt; bij de brilstern loopt die erachter door.
FijisternOnychoprion lunatusmiddelgroot (30–40 cm)zwartzwart of donkerzwarte kap met wit voorhoofdnauwelijks verschil met broedkleedlang en diep gevorktmiddengrijswitkust en open zeeLet op de leigrijze, niet bruinzwarte rug zonder lichte halskraag, en de smalle witte wenkbrauw tot voorbij het oog.
BrilsternOnychoprion anaethetusmiddelgroot (30–40 cm)zwartzwart of donkerzwarte kap met wit voorhoofdnauwelijks verschil met broedkleedlang en diep gevorktdonkergrijs of zwartachtigwitkust en open zeeLet op de bruingrijze rug, lichter dan de zwarte kap, met een lichte halskraag en een witte wenkbrauw die tot achter het oog doorloopt.
Amerikaanse dwergsternSternula antillarumklein (< 30 cm)geel met zwarte puntgeel of oranjegeelzwarte kap met wit voorhoofdwit voorhoofd, zwart achterhoofdgevorktlichtgrijswitkust én binnenlandLet op de geringe grootte, de gele snavel met zwart puntje en de witte driehoek in de zwarte kap; vliegt met snelle, stijve slagen.
ReuzensternHydroprogne caspiagroot (> 40 cm)rood of oranje met zwarte puntzwart of donkerzwarte kapnauwelijks verschil met broedkleedkort, nauwelijks gevorktlichtgrijswitkust én binnenlandLet op de dikke, felrode snavel en de donkere onderkant van de handpennen; de koningsstern heeft een slankere oranje snavel en lichte ondervleugel.
LachsternGelochelidon niloticamiddelgroot (30–40 cm)zwartzwart of donkerzwarte kapwitte kop met donkere oorvlekkort, nauwelijks gevorktzeer lichtgrijswitkust én binnenlandLet op de korte, dikke, geheel zwarte snavel zonder gele punt en de brede vleugels; jaagt vaak boven land en kwelder op insecten.
WitvleugelsternChlidonias leucopterus dwaalgastklein (< 30 cm)zwartroodkop en lichaam zwartwitte kop met donkere oorvlekkort, nauwelijks gevorktdonkergrijs of zwartachtigzwart of zeer donkerbinnenwater en moerasLet op de witte voorvleugel, witte stuit en zwarte ondervleugeldekveren; bij de zwarte stern is de ondervleugel juist licht en de staart grijs.
Zwarte sternChlidonias nigerklein (< 30 cm)zwartzwart of donkerkop en lichaam zwartwit voorhoofd, zwart achterhoofdkort, nauwelijks gevorktmiddengrijszwart of zeer donkerbinnenwater en moerasLet op de leigrijze vleugels en staart met lichte ondervleugel en witte onderstaart; in winterkleed een donkere vlek opzij van de borst.
Grote sternThalasseus sandvicensismiddelgroot (30–40 cm)zwart met gele puntzwart of donkerzwarte kap met opvallende kuifwit voorhoofd, zwart achterhoofdgevorktzeer lichtgrijswitkust en open zeeLet op de lange, dunne zwarte snavel met gele punt; de lachstern heeft een kortere, dikkere snavel die geheel zwart is.
Sierlijke sternThalasseus elegansgroot (> 40 cm)oranje, zonder zwarte puntzwart of donkerzwarte kap met opvallende kuifwit voorhoofd, zwart achterhoofdgevorktzeer lichtgrijswit met roze waaskust en open zeeLet op de lange, dunne, iets doorbuigende snavel en de lange kuif; in winterkleed blijft het zwart rond het oog staan.
KoningssternThalasseus maximusgroot (> 40 cm)oranje, zonder zwarte puntzwart of donkerzwarte kap met opvallende kuifwit voorhoofd, zwart achterhoofdgevorktzeer lichtgrijswitkust en open zeeLet op de dikke oranje dolksnavel en de lichte ondervleugel; de sierlijke stern heeft een langere, dunnere, licht gebogen snavel.
Forsters sternSterna forsterimiddelgroot (30–40 cm)rood of oranje met zwarte puntoranjezwarte kapzwart oogmasker op witte koplang en diep gevorktzeer lichtgrijswitkust én binnenlandLet op de zilverwitte handpennen, lichter dan de rest van de vleugel, en in winterkleed het losse zwarte oogmasker op een witte kop.
Noordse sternSterna paradisaeamiddelgroot (30–40 cm)roodroodzwarte kapwit voorhoofd, zwart achterhoofdlang en diep gevorktlichtgrijslichtgrijs tot grijskust en open zeeLet op de bloedrode snavel zonder zwarte punt, de korte poten, het ronde kopje en de doorschijnende handpennen met smalle zwarte achterrand.
VisdiefSterna hirundomiddelgroot (30–40 cm)rood of oranje met zwarte puntroodzwarte kapwit voorhoofd, zwart achterhoofdgevorktlichtgrijswitkust én binnenlandLet op de donkere wig in de vleugelpunt, de oranjerode snavel met zwarte punt en een staart die in rust niet voorbij de vleugelpunten reikt.
Dougalls sternSterna dougalliimiddelgroot (30–40 cm)zwart met rode basisroodzwarte kapwit voorhoofd, zwart achterhoofdlang en diep gevorktzeer lichtgrijswit met roze waaskust en open zeeLet op de zeer bleke bovenvleugel met alleen donkere buitenste handpennen, de vrijwel zwarte snavel en staartlinten ver voorbij de vleugelpunten.

De kenmerken gelden voor de volwassen vogel, in broedkleed en winterkleed waar dat verschilt. Jonge vogels zijn veel lastiger en horen niet in zo'n tabel; zie daarvoor de soortpagina's.

Familie: Meeuwen, sterns en schaarbekken