Alle soortenZangvogels › Wida's

Wida's | Viduidae

Indigobirds and whydahs | Viudas

Kleine zaadeters met een dikke, vaak koraalrode kegelsnavel, die zelf geen nest bouwen en geen jongen grootbrengen. Het vrouwtje legt haar witte eieren bij prachtvinken in het nest; het waardpaar broedt ze uit en voert het vreemde jong samen met de eigen jongen op, want er wordt niets uit het nest gewerkt. Dat kan doordat het jong tot in de details bij zijn waardvogel past: dezelfde stippen, vlekken en gekleurde knobbels achter in de opengesperde bek, dezelfde bedelhouding en hetzelfde bedelgeluid als de nestgenoten naast hem. Elke soort is daarbij aan een eigen kring van gastheren gebonden, en de mannetjes nemen de zang van hun waardvogel in het eigen repertoire op, zodat vrouwtjes bij de juiste soort terechtkomen. De mannetjes dragen in de broedtijd zwart, wit en soms verlengde staartpennen, waarmee zij boven het vrouwtje hangend baltsen; buiten de broedtijd zijn alle soorten musachtig gestreept en vrijwel alleen aan de snavelkleur te scheiden.

Exoten 1 soort

Soorten die hier van nature niet voorkomen maar zijn ingevoerd of ontsnapt en zich sindsdien handhaven. Ze staan op volgorde van de lijst, niet per geslacht.