Alle soorten › Eendachtigen › Eenden, ganzen en zwanen › Grote zaagbek
Grote zaagbek
Mergus merganser | Common merganser | Serreta grande
De grootste zaagbek van Europa: een lange, zware viseter die als een torpedo over open water ligt. In de winter verzamelen zich honderden op het IJsselmeer en de grote rivieren.
Geluid
Meestal zwijgzaam. In balts geeft de man een merkwaardig snorrend, twangend krro-krraa dat aan een verre kikker doet denken, terwijl het vrouwtje een hard, kort karr karr laat horen. Vooral in februari en maart, wanneer groepjes mannetjes met opgeheven kop rond een vrouwtje zwemmen.
Opname: Pascal Christe — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons
Herkenning
Groot, langgerekt en laag op het water, met een dunne, rode haaksnavel. De man is romig wit met een roze waas over borst en flanken, een glanzend donkergroene kop zonder duidelijke kuif en een zwarte rug. Het vrouwtje heeft een roodbruine kop met een korte ruige kuif, een witte kinvlek en een scherpe grens tussen de bruine hals en de grijze borst. Jonge vogels lijken op het vrouwtje.
Verwarringssoorten
De middelste zaagbek is de spiegelsoort. Bij vrouwtjes is de grens tussen kop en hals doorslaggevend: bij de grote zaagbek scherp afgesneden en met een witte kin, bij de middelste geleidelijk vervloeiend en zonder wit. De man is wit op de borst tegenover roestbruin gestreept, en zijn kop is glad in plaats van dubbel gepunt.
Leefgebied
Helder, visrijk zoet water: grote meren, stuwmeren, snelstromende rivieren en diepe zandwinplassen; alleen bij zware vorst wijkt hij uit naar brak water. Broedt in boomholten en nestkasten langs beboste rivieren en meren. Duikt achter vis aan, vaak in groepen die samen een school opdrijven.
Verspreiding en trek
Broedvogel van Noord- en Midden-Europa en van de bergrivieren van de Alpen; in Nederland broeden inmiddels enkele paren in boomholten. Grote aantallen overwinteren op het IJsselmeer, de Randmeren en de grote rivieren. In Spanje is de soort een schaarse wintergast in het noorden, met een klein broedbestand in de Pyreneeën.
- Jaarrond
- Broedvogel (zomer)
- Winter
- Doortrek
- Trekrichting
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
December tot februari, vroeg in de ochtend langs het IJsselmeer, de Randmeren of de Waal, wanneer de vogels actief vissen voordat de recreatie op gang komt. Bij invallende vorst concentreren ze zich op het laatste open water bij sluizen en stuwen; kijk die groepen na op nonnetjes en middelste zaagbekken.
Staat van instandhouding
Het Europese bestand is stabiel tot toenemend en de soort breidt zich naar het zuidwesten uit. Lokaal drukken het verdwijnen van oude holle bomen langs rivieren, verstoring door recreatie en illegale vervolging bij viskwekerijen op de aantallen. Verdrinking in staande netten speelt in visrijke wateren een rol.
Andere soorten in deze familie
Mandarijneend · Nijlgans · Pijlstaart · Wintertaling · Wilde Eend · Kolgans · Grauwe Gans · Kleine rietgans · Sneeuwgans · Dwerggans · Taigarietgans · Indische gans · Toendrarietgans · Tafeleend · Kuifeend · Topper · Witoogeend · Rotgans · Grote canadese gans · Brandgans · Roodhalsgans · Brilduiker · IJseend · Zwarte zwaan · Kleine zwaan · Wilde zwaan · Knobbelzwaan · Amerikaanse smient · Smient · Krakeend · Grote zee-eend · Zwarte zee-eend · Nonnetje · Middelste zaagbek · Krooneend · Rosse stekelstaart · Eider · Slobeend · Zomertaling · Casarca · Bergeend