Alle soorten › Pelikaanachtigen

Pelikaanachtigen | Pelecaniformes

Pelicans, herons and ibises | Pelícanos, garzas e ibis

Deze orde staat vooral op moleculaire gegevens bij elkaar; uiterlijk lopen de leden ver uiteen, tot en met de manier waarop ze in de vlucht de hals dragen. Wat ze wel delen: het zijn grote vogels van ondiep water die vis en ander waterdier vangen met een zwaar gebouwde, sterk gespecialiseerde snavel op een lange hals, en die op brede vleugels traag en veel zeilend vliegen. Ze broeden in kolonies in bomen, riet of op eilandjes, leggen doorgaans twee tot vijf eieren en bebroeden die met beide ouders. De jongen komen naakt en hulpeloos uit het ei en worden weken- tot maandenlang met opgebraakt voedsel gevoerd.

Families in deze orde

  • Ibissen en lepelaars | Threskiornithidae4 soortenDeze vogels voelen hun voedsel in plaats van het te zien. De snavel is lang en zit vol tastlichaampjes: bij de ibissen omlaag gebogen om in modder, ondiep water en tussen graspollen te sonderen, bij de lepelaars aan het eind verbreed tot een spatel die zijwaarts door het water wordt gemaaid en dichtklapt zodra er iets tegenaan komt. Daardoor kunnen ze foerageren in troebel water en in het donker. Het gezicht is deels of geheel onbevederd, ze vliegen met gestrekte hals in linies of schuine formaties en wisselen daarbij klapperen en glijden af, en ze broeden in kolonies in bomen of riet, met twee tot vijf eieren en naakte jongen die het voedsel uit de keel van de ouder halen.
  • Pelikanen | Pelecanidae2 soortenAlle vier de tenen zijn met zwemvlies verbonden — zware, uitstekende zwemmers op korte poten. Onder de ondersnavel hangt een rekbare keelzak die geen voorraadkast is maar een schepnet: de kop gaat onder water, het water loopt langs de snavelranden weg en de vis wordt meteen doorgeslikt; op ondiepe plekken drijven groepen de vis daarbij gezamenlijk op. Onderhuidse luchtzakken houden het lichaam hoog op het water, en met zeer lange brede vleugels klimmen ze zeilend op thermiek en trekken ze in formatie. Ze broeden dicht opeen in kolonies, leggen twee of drie krijtwitte eieren die op de zwemvliezen worden bebroed, en de jongen komen naakt uit het ei.
  • Reigers | Ardeidae13 soortenIn het midden van de hals staan verkorte wervels, waardoor de hals tot een Z gevouwen kan worden en in één beweging vooruit kan schieten; de rechte, spitse snavel werkt daarbij als speer of pincet. Ze jagen staand of langzaam lopend in ondiep water op vis, amfibieën, insecten en kleine zoogdieren, en vliegen als enige langpotige waadvogels met de hals ingetrokken tussen de schouders en de poten achter de staart uit. Op borst en flanken zitten plekken poederdons dat voortdurend afbrokkelt; met de kamvormig gezaagde nagel van de middelste teen kammen ze dat poeder door het verenkleed om slijm en vislijm te binden. Het nest is een platform van takken of riet, meestal in een kolonie; er worden drie tot zes eieren gelegd en er wordt vanaf het eerste ei gebroed, zodat de jongen om de dag uitkomen en sterk in grootte verschillen.