Alle soortenZangvogels › Boomkruipers

Boomkruipers | Certhiidae

Treecreepers | Agateadores

De bovenzijde is in bruin, roest en wit gevlekt als een stuk schors; een vogel die zich stil tegen een stam drukt, is van dichtbij niet te zien. De staartpennen zijn stijf en spits en dienen als steunpoot, de nagels zijn lang en krom, en de dunne snavel is sterk neerwaarts gebogen om in schorsspleten te kunnen tasten. Het foerageren verloopt volgens een vast patroon: onderaan een stam beginnen, in een spiraal omhoog klimmen tot in de onderste takken, en dan naar de voet van de volgende boom vliegen om opnieuw te beginnen. Het voedsel bestaat vrijwel uitsluitend uit kleine geleedpotigen en hun eitjes, uit de bast gepeuterd. Het nest is een halvemaanvormige hangmat van twijgjes en spinrag, weggeklemd achter een losse schorsplaat van een dode of stervende boom, met aan weerszijden een opening. Zang en roep liggen zo hoog en ijl dat ze aan de bovengrens van het menselijk gehoor liggen en voor veel mensen onhoorbaar zijn.

Inheemse soorten 1 soort

Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.

Certhia 1 soort