Alle soorten › Hoenderachtigen › Tandkwartels › Geschubde Kwartel
Geschubde Kwartel | Callipepla squamata
Scaled Quail | Colín Escamado
De geschubde kwartel is de kwartel van de droge kortgrasprairie en de mesquitevlakte: blauwgrijs van boven, met op de hele onderzijde een schubvormig tekeningpatroon dat elke veer een donkere rand geeft. De witte, verwaaide kuiftop gaf hem in Texas de bijnaam 'cottontop'. Hij loopt liever weg dan dat hij opvliegt, en een hele koppel verdwijnt zo geruisloos tussen de yucca's.
Geluid
De contactroep tussen leden van een koppel is een laag, schor pe-cos of wok-ka, meer een grom dan een fluit, die het beste draagt in de stille ochtend voor zonsopgang. Bij onraad klinkt een reeks korte, hese tsjuk-geluiden waarmee de vogels elkaar waarschuwen zonder op te vliegen. Zang in de gebruikelijke zin ontbreekt; het geluid van deze soort is functioneel, niet melodieus, en wordt zelden ver van dekking geproduceerd.
Voor deze soort is nog geen vrij gelicentieerde opname gevonden; hieronder staat wel waar je op moet letten.
Herkenning
Het mannetje is effen blauwgrijs op de borst met de karakteristieke schubtekening, een kastanjebruine vlek op de buik en een korte, ronde, wit getipte kuif die naar voren buigt. Het vrouwtje is doffer en kastanjebruiner op kruin en nek, met een minder scherpe schubtekening op de keel. Juveniele vogels zijn vaag gestreept en missen de duidelijke witte kuiftop tot ze bijna volwassen zijn. In vlucht is de vogel kort en rond met snelle, trillende vleugelslagen, maar hij vliegt zelden meer dan een paar tientallen meters.
Verwarringssoorten
In het overlappende deel van hun areaal in Arizona en New Mexico is de Gambels Kuifkwartel (Callipepla gambelii) te onderscheiden aan zijn voorovergebogen, langere kuifpluim en, bij het mannetje, de zwarte buikvlek en kastanjebruine flanken — de geschubde kwartel mist die felle kleuren en oogt overal grijzer. In het oosten van Texas en Oklahoma overlapt hij met de virginiaanse boomkwartel, die roodbruiner is, een duidelijke oogstreep heeft en een heldere, fluitende roep laat horen in plaats van de schorre contactroep van deze soort. Beide soorten kunnen in dezelfde vallei voorkomen, maar de geschubde kwartel houdt zich aan het opener, drogere deel weg van water, terwijl de Gambels Kuifkwartel dichter bij rivierbegroeiing en tuinen blijft.
Leefgebied
Droge, korte prairie en woestijngrasland met verspreide mesquite, yucca en vuilcactus, waar de bodem tussen de pollen open genoeg blijft om te lopen en te stofbaden. Hij mijdt zowel kaal, plantloos zand als dichte struwelen zonder open grond, en is voor water afhankelijk van vee-drinkbakken of natuurlijke poelen in droge zomers. In overbegraasd rangeland waar de grasmat verdwijnt en alleen struiken overblijven, verdwijnt de soort geleidelijk.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.
Verspreiding en trek
Standvogel in het zuidwesten van de Verenigde Staten, van zuidelijk Arizona en New Mexico oostwaarts over het uiterste zuidoosten van Colorado en zuidwestelijk Kansas tot in westelijk Oklahoma en centraal en westelijk Texas, en zuidwaarts door het noorden en midden van Mexico tot in Jalisco, Guanajuato en Hidalgo. Hij trekt niet en verplaatst zich hoogstens lokaal tussen zomer- en winterterrein. De aantallen zijn in de tweede helft van de twintigste eeuw aan de randen van het areaal teruggelopen door verlies van grasland aan akkerbouw en door structurele overbegrazing, terwijl het kerngebied in de Chihuahuawoestijn stabieler is gebleven.
- Jaarrond
- Broedvogel (zomer)
- Doortrek
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
Rijd of loop bij zonsopgang langzaam over een onverharde weg door kortgrasprairie en luister naar de lage contactroep van een koppel voor je iets ziet. Verstoorde vogels rennen typisch in file weg voor ze, als het echt moet, laag en kort opvliegen; wie stilstaat en wacht, ziet ze vaak na een paar minuten weer tevoorschijn komen.
Staat van instandhouding
De IUCN noemt de soort niet bedreigd, maar broedvogeltellingen in Texas, New Mexico en Oklahoma laten al decennia een gestage afname zien, vooral aan de randen van het areaal. Verlies van grasland aan akkerbouw, structurele overbegrazing en de opmars van struikgewas ten koste van open grasbodem worden als de belangrijkste oorzaken gezien.
Wetenschappelijke naam
Callipepla squamata | (Vigors, 1830)
Vigors beschreef de soort in 1830 als Ortyx squamatus; sindsdien is hij in het geslacht Callipepla geplaatst, vandaar de haakjes om auteur en jaar. Callipepla is gevormd uit het Grieks kallos ('schoonheid') en peplos ('gewaad'), naar het kleurrijke verenkleed van de kuifkwartels; squamata is Latijn voor 'geschubd', naar het schubvormige tekeningpatroon van de onderzijde. De typelocatie is bij de beschrijving alleen als 'Mexico' opgegeven, zonder verdere precisering.


