Alle soortenStormvogelachtigenPijlstormvogels › Kermadec-witnekstormvogel

Kermadec-witnekstormvogel | Pterodroma cervicalis

White-necked Petrel | Petrel cuello blanco

De kermadec-witnekstormvogel is te herkennen aan de brede witte band die zijn zwarte kap van de grijze rug scheidt — het kenmerk dat zijn naam verklaart. Bijna de hele wereldpopulatie broedt op één eiland, Macauley in de Kermadecgroep bij Nieuw-Zeeland, en verschijnt in de wateren rond Hawaii alleen als schaarse maar jaarlijkse niet-broedende gast.

Kermadec-witnekstormvogel (Pterodroma cervicalis)
Foto: JJ Harrison — CC BY-SA 3.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Boven de kolonie op Macauley-eiland klinkt een luide vluchtroep die als oe kek-kek-kek-kek-kek wordt weergegeven, met als grondgeluid een herhaald eh-eh-eh. Op zee, ver van de kolonie — en dus overal binnen dit kaartvenster — is de soort volkomen stil.

Voor deze soort is nog geen vrij gelicentieerde opname gevonden; hieronder staat wel waar je op moet letten.

Herkenning

De kermadec-witnekstormvogel heeft een zwarte kap die scherp wordt begrensd door een brede witte band over voorhoofd, achterhals en nek; de rug, vleugels en staart zijn grijs met een donkerder stuit. De onderdelen zijn wit, met een smalle donkere baan aan de voorrand van de ondervleugel die ontstaat door donkere basisdelen van de handpennen. De snavel is lang en zwart, de poten zijn roze. Versleten verenkleed oogt merkbaar donkerder dan vers verenkleed, wat op zee tot verwarring kan leiden. Mannetje, vrouwtje en jong zijn niet van elkaar te onderscheiden.

Verwarrings­soorten

Met de juan-fernandezstormvogel (Pterodroma externa), die in dezelfde wateren wordt gezien, is verwarring het grootst: die soort mist de brede witte achterhalsband volledig en heeft in plaats daarvan een aaneengesloten zwarte kap die doorloopt tot onder het oog. Verwar de naam ook niet met de kermadecstormvogel (P. neglecta), een heel andere soort die eveneens naar de Kermadeceilanden is genoemd: die heeft geen scherp afgetekende kap en witte onderdelen, maar een egaler, bruinachtig verenkleed met een lichte en een donkere kleurvorm en een opvallend geel-zwarte snavel. Op zee is bij de kermadec-witnekstormvogel vooral de brede witte band in de nek de sleutel.

Leefgebied

Voor het broeden gebruikt de soort vochtig, seizoensgebonden grasland op de flanken van een subtropisch eiland, waar hij een hol graaft. Buiten het broedseizoen is hij volledig een vogel van open, warm oceaanwater, ver van de kust. Binnen dit kaartvenster komt hij dan ook nergens aan land.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.

Verspreiding en trek

Vrijwel de hele wereldpopulatie — naar schatting vijftigduizend paar — broedt op Macauley-eiland in de Kermadecgroep; een kleine, recent gestichte kolonie van enkele tientallen paren zit op Phillip-eiland bij Norfolk-eiland. Vroeger broedde de soort ook op Raoul-eiland, tot geïntroduceerde ratten en katten hem daar uitroeiden. Na het broedseizoen trekt het grootste deel van de populatie noordwestwaarts naar de wateren ten zuidoosten van Japan; een klein deel bereikt de Hawaii-eilanden, waar de soort vooral in november en december wordt gezien, geconcentreerd voor de westkust van Hawaii-eiland en rond enkele van de noordwestelijke atollen.

HawaïNiihauKauaiOahuLanaiMolokaiKahoolaweMauiHawaii
  • Doortrek
Kaartje van de archipel zelf: op de kaart van Noord-Amerika zou deze vogel een stipje zijn dat nauwelijks opvalt. De eilanden waar hij ontbreekt staan er grijs bij. De verdeling over de afzonderlijke eilanden hierbinnen is nog niet per eiland gemeten en staat voorlopig overal hetzelfde ingekleurd; dat er hier wel vogels zitten, staat vast. Eilandcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Zoek de kermadec-witnekstormvogel op een pelagische boottocht voor de westkust van Hawaii-eiland in november of december; hij is er schaars, dus reken niet op een garantie, en let vooral op de brede witte achterhalsband die hem van de sterk gelijkende juan-fernandezstormvogel onderscheidt.

Staat van instandhouding

De soort geldt als kwetsbaar omdat vrijwel de hele populatie op één eiland broedt. Sinds Macauley-eiland begin deze eeuw van geiten en katten is bevrijd, is de kolonie daar gegroeid; de recente vestiging op Phillip-eiland is eveneens een gevolg van geslaagd herstel van habitat na het verwijderen van geïntroduceerde dieren. Nieuwe introducties van roofdieren op de resterende broedeilanden blijven niettemin het grootste risico.

Wetenschappelijke naam

Pterodroma cervicalis | (Salvin, 1891)

De Britse ornitholoog Osbert Salvin beschreef de soort in 1891 als Oestrelata cervicalis; omdat ze sindsdien in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Pterodroma werd in 1856 ingevoerd door Bonaparte, uit het Grieks voor 'vleugel' en 'loper'. cervicalis is Latijn voor 'van de nek', naar de brede witte band die de kap van de rug scheidt. De typelocatie zijn de Kermadeceilanden — dezelfde eilandengroep waar de soort tot op vandaag met Macauley-eiland zijn belangrijkste kolonie heeft.