Alle soorten › Gierzwaluwachtigen › Gierzwaluwen › Zwarte gierzwaluw
Zwarte gierzwaluw | Cypseloides niger
Black Swift | Vencejo negro
De zwarte gierzwaluw is de grootste en donkerste gierzwaluw van Noord-Amerika, een egaal roetzwarte vogel met lange, sikkelvormige vleugels die hoog in de lucht rondzweeft en pas als stipje zichtbaar wordt. Hij nestelt op de meest ontoegankelijke plekken die er zijn: rotsrichels achter watervallen en in donkere zeegrotten, waar geen roofdier bij kan. Van weinig Noord-Amerikaanse vogels is de laatste vijftig jaar zo'n scherpe achteruitgang vastgesteld, en de oorzaak is nog altijd niet helemaal duidelijk.
Geluid
De zwarte gierzwaluw laat vanuit de lucht een snelle reeks hoge, tjilpende tonen horen, vaak nauwelijks op te vangen tegen de wind in bij de kliffen waar hij broedt. Bij het nest, diep weggestopt achter het gordijn van een waterval, is hij zelden te horen; zijn aanwezigheid verraadt zich eerder door de vogel zelf, die met stijve, gestage vleugelslagen de rotswand in- en uitvliegt. Een duidelijke zang, zoals bij zangvogels, ontbreekt.
Voor deze soort is nog geen vrij gelicentieerde opname gevonden; hieronder staat wel waar je op moet letten.
Herkenning
Een grote, geheel roetzwarte gierzwaluw met lange, gebogen, spitse vleugels en een licht gevorkte staart die van onderaf vaak vierkant lijkt. De snavel is nauwelijks zichtbaar en de pootjes zijn zo klein dat de vogel op de grond zich amper kan voortbewegen. Van dichtbij is een lichter voorhoofd te zien, maar op de grote hoogte waarop hij meestal vliegt is dat zelden bruikbaar; groter dan een vaux-gierzwaluw en iets kleiner dan een purperzwaluw is een betere aanwijzing. De vlucht bestaat uit stijve, doorlopende slagen afgewisseld met korte glijfases, hoog in de lucht op zoek naar zwermen insecten.
Verwarringssoorten
De vaux-gierzwaluw is aanmerkelijk kleiner en heeft een lichte keel; de zwarte gierzwaluw is van kop tot staart egaal donker. De bonte gierzwaluw heeft scherp afstekend wit op keel, borst en flank, dat de zwarte gierzwaluw volledig mist. Op grotere afstand wordt de soort weleens verward met een purperzwaluw, maar die heeft een veel directere, minder sikkelvormige vleugelslag en mist de lange, gebogen vleugelpunt.
Leefgebied
Uitsluitend rotswanden die volledig ontoegankelijk zijn voor roofdieren: richels achter of naast watervallen in de bergen, en donkere zeegrotten en -kliffen langs de Stille Oceaan. Er wordt gejaagd op grote hoogte boven bos en open land, waarbij de vogel bij helder weer soms tot honderden meters hoog stijgt en bij bewolkt weer juist laag boven de grond blijft, achter zwermen vliegende mieren aan. Een geschikte broedplek is zeldzaam en wordt jaar na jaar door dezelfde vogels herbezet.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.
Verspreiding en trek
Broedt verspreid en lokaal van British Columbia en Alberta zuidwaarts door de bergen van Washington, Oregon, Californië, Idaho, Utah, Colorado en New Mexico, met een tweede, kustgebonden populatie in zeegrotten langs de Californische kust; een aparte ondersoort broedt van Mexico tot Costa Rica. Rond de honderdvijftig broedplekken zijn in de Verenigde Staten en Canada bekend, meer dan honderd daarvan alleen al in Colorado. De hele Noord-Amerikaanse populatie trekt in het najaar weg; pas in 2012 toonden lichtgevoelige geolocators op vier vogels aan dat ze de winter doorbrengen in het westelijke laaglandregenwoud van de Braziliaanse Amazone.
- Jaarrond
- Broedvogel (zomer)
- Winter
- Doortrek
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
Zoek een bekende waterval in de bergen van het westen op een zomerse namiddag en kijk omhoog: bij helder weer is de vogel vaak alleen als bewegend stipje op grote hoogte te zien, bij bewolkt weer juist een stuk lager en dus beter te determineren. Bij de nestplek zelf, als de vogel de rotswand in- of uitvliegt, zijn de egale zwarte kleur en de sikkelvormige vleugel op korte afstand goed te zien.
Staat van instandhouding
De Noord-Amerikaanse populatie is de afgelopen vijftig jaar met meer dan de helft afgenomen, een van de scherpste dalingen van alle Noord-Amerikaanse vogels, met een totale schatting van ongeveer honderdzeventigduizend vogels. De oorzaak is niet vastgesteld; klimaatverandering en een afname van vliegende insecten op de overwinteringsgebieden in het Amazonegebied worden als waarschijnlijkste verklaringen genoemd. Verlies of verstoring van de weinige geschikte nestplekken is een extra risico voor een soort die toch al maar op een handvol plekken broedt.
Wetenschappelijke naam
Cypseloides niger | (Gmelin, 1789)
Gmelin beschreef de soort in 1789 als Hirundo nigra, in het geslacht van de zwaluwen; sindsdien is ze naar een ander geslacht verhuisd, vandaar de haakjes om auteur en jaartal. Streubel voerde het huidige geslacht Cypseloides in 1848 in, gevormd uit het oudere geslacht Cypselus met het Griekse achtervoegsel -oides, 'gelijkend op' — dus letterlijk 'op Cypselus lijkend'. niger is Latijn voor 'zwart', naar het egale verenkleed. De typelocatie is Hispaniola, waar ook een West-Indische ondersoort voorkomt.



